Aan het einde van de negentiende eeuw heerste er bezorgdheid over verwaarloosde en criminele kinderen. Filantropische organisaties konden alleen iets voor kinderen betekenen als de ouders daarin toestemden. Ouderlijke macht was onaantastbaar. Dat veranderde met de invoering van de Kinderwetten in 1905. Voor het eerst mocht de overheid, ter bescherming van het kind, ingrijpen in de ouderlijke macht. Voor de uitvoering van de Kinderwetten was een instituut nodig dat onderzoek verrichtte, verzoeken aan de rechter deed en een schakel vormde tussen de particuliere jeugdzorg en de overheid. Dat nieuwe instituut werd de Voogdijraad, die in 1956 de Raad voor de Kinderbescherming ging heten. Hoewel de functie van de Raad nooit ter discussie heeft gestaan, is er in de loop der jaren veel veranderd. Ontwikkelingen in de samenleving en de wetgeving leidden tot belangrijke wijzigingen in de werkwijze en de organisatie. De belangen van kinderen staan daarbij centraal. Dit boek beschrijft de geschiedenis van de Raad op een bijzondere wijze. Het plaatst de ontwikkelingen in het werk en de organisatie van de Raad in een historische context. Elk van de zeven hoofdstukken behandelt een afgebakende periode. Citaten uit verslagen en dossiers illustreren een eeuw kinderbescherming.
Als katten konden praten ... zijn katten echt solitaire en eigenzinnige dieren? Het is voor de baasjes in ierder geval soms moeilijk om hun beweegredenen, tegenstrijdigheden en uitgeproken personnlijkheid te begrijpen. Maar juist die onvoorspelbaarheid maakt het zo boeiend om met katten samen te leven. Dit boek gaat dieper in op het gedrag van onze huisdieren en laat alllerlei soorten katten aan bod komen: eigenzinnige en besluiteloze karakters, echte muizenvangers en slome slapers, toegewijde vleiers en coole katers. Dankzij dit boek leert u: - de lichaams- en klanktaal van uw kat te begrijpen - de verschillende soorten gedragingen en hun oorzaken te herkennen - gedragsproblemen te voorkomen.
Eeuwenlang werden kinderen beschouwd als minivolwassenen en dat werd ook uitgedrukt door hun kleding die vooral stijf, degelijk en donker was. Marieke Olsthoorn-Roosen was het een gruwel.Toen zij en haar man Willem kinderen kregen, ging ze daarom hun kleren zelf maken. Het waren vrolijke, kleurrijke kleertjes die tegen een stootje konden en waarin de kinderen lekker konden spelen. Door de enthousiaste reacties uit de omgeving besloten de Olsthoorns de kleding op de markt te gaan bren
Onderzoek naar de oorzaken van het feit, dat veel mannen zo moeilijk spreken over hun emoties, met adviezen voor vrouwen èn mannen om daarmee om te gaan.
Aan het einde van de negentiende eeuw heerste er bezorgdheid over verwaarloosde en criminele kinderen. Filantropische organisaties konden alleen iets voor kinderen betekenen als de ouders daarin toestemden. Ouderlijke macht was onaantastbaar. Dat veranderde met de invoering van de Kinderwetten in 1905. Voor het eerst mocht de overheid, ter bescherming van het kind, ingrijpen in de ouderlijke macht. Voor de uitvoering van de Kinderwetten was een instituut nodig dat onderzoek verrichtte, verzoeken aan de rechter deed en een schakel vormde tussen de particuliere jeugdzorg en de overheid. Dat nieuwe instituut werd de Voogdijraad, die in 1956 de Raad voor de Kinderbescherming ging heten. Hoewel de functie van de Raad nooit ter discussie heeft gestaan, is er in de loop der jaren veel veranderd. Ontwikkelingen in de samenleving en de wetgeving leidden tot belangrijke wijzigingen in de werkwijze en de organisatie. De belangen van kinderen staan daarbij centraal. Dit b
Ingrid Bergman was getrouwd met een tandarts maar haar grote liefde beleefde zij met de oorlogsfotograaf Robert Capa. Filmmaatschappij Paramount verzekerde de benen van Marlene Dietrich voor één miljoen dollar.Tijdens de Tweede Wereldoorlog spioneerde Josephine Baker voor de Franse geheime dienst. Sterren prikkelen onze nieuwsgierigheid. Het leven van diva’s en idolen is onderwerp van tal van biografieën, kranten en boulevardbladen. In Coco & Co brengt Claude Blondeel portretten van vijftien boeiende vrouwen uit de wereld van de kunst, muziek, film en mode. Van operadiva Maria Callas, filmster Marilyn Monroe, componiste Alma Mahler tot modekoningin Coco Chanel, stuk voor stuk creatieve levens die inspireren en intrigeren.
Als katten konden praten ... zijn katten echt solitaire en eigenzinnige dieren? Het is voor de baasjes in ierder geval soms moeilijk om hun beweegredenen, tegenstrijdigheden en uitgeproken personnlijkheid te begrijpen. Maar juist die onvoorspelbaarheid maakt het zo boeiend om met katten samen te leven. Dit boek gaat dieper in op het gedrag van onze huisdieren en laat alllerlei soorten katten aan bod komen: eigenzinnige en besluiteloze karakters, echte muizenvangers en slome slapers, toegewijde vleiers en coole katers. Dankzij dit boek leert u: - de lichaams- en klanktaal van uw kat te begrijpen - de verschillende soorten gedragingen en hun oorzaken te herkennen - gedragsproblemen te voorkomen.
Ingrid Bergman was getrouwd met een tandarts maar haar grote liefde beleefde zij met de oorlogsfotograaf Robert Capa. Filmmaatschappij Paramount verzekerde de benen van Marlene Dietrich voor één miljoen dollar.Tijdens de Tweede Wereldoorlog spioneerde Josephine Baker voor de Franse geheime dienst. Sterren prikkelen onze nieuwsgierigheid. Het leven van diva’s en idolen is onderwerp van tal van biografieën, kranten en boulevardbladen. In Coco & Co brengt Claude Blondeel portretten van vijftien boeiende vrouwen uit de wereld van de kunst, muziek, film en mode. Van operadiva Maria Callas, filmster Marilyn Monroe, componiste Alma Mahler tot modekoningin Coco Chanel, stuk voor stuk creatieve levens die inspireren en intrigeren.
Als katten konden praten ... zijn katten echt solitaire en eigenzinnige dieren? Het is voor de baasjes in ierder geval soms moeilijk om hun beweegredenen, tegenstrijdigheden en uitgeproken personnlijkheid te begrijpen. Maar juist die onvoorspelbaarheid maakt het zo boeiend om met katten samen te leven. Dit boek gaat dieper in op het gedrag van onze huisdieren en laat alllerlei soorten katten aan bod komen: eigenzinnige en besluiteloze karakters, echte muizenvangers en slome slapers, toegewijde vleiers en coole katers. Dankzij dit boek leert u: - de lichaams- en klanktaal van uw kat te begrijpen - de verschillende soorten gedragingen en hun oorzaken te herkennen - gedragsproblemen te voorkomen.
Gedragingen beter begrijpen - de klanktaal leren interpreteren - een goede verstandhouding ontwikkelen. Als katten konden praten ... zijn katten echt solitaire en eigenzinnige dieren? Het is voor de baasjes in ierder geval soms moeilijk om hun beweegredenen, tegenstrijdigheden en uitgeproken personnlijkheid te begrijpen. Maar juist die onvoorspelbaarheid maakt het zo boeiend om met katten samen te leven. Dit boek gaat dieper in op het gedrag van onze huisdieren en laat alllerlei soorten katten
Aan het einde van de negentiende eeuw heerste er bezorgdheid over verwaarloosde en criminele kinderen. Filantropische organisaties konden alleen iets voor kinderen betekenen als de ouders daarin toestemden. Ouderlijke macht was onaantastbaar. Dat veranderde met de invoering van de Kinderwetten in 1905. Voor het eerst mocht de overheid, ter bescherming van het kind, ingrijpen in de ouderlijke macht. Voor de uitvoering van de Kinderwetten was een instituut nodig dat onderzoek verrichtte, verz
Voetbal!Leer voetballen als je favoriete sterren en word de nieuwe Beckham, Ronaldinho, Rooney of Zidane!Met foto’s en tekst die jonge spelers stap voor stap wegwijs maken in de voetbalsport.Uitsekende trainingsadviezen voor zowel basistechniek en wedstrijdvaardigheden als tactiek.Met portretten van proft die jonge spelers inspireren om te oefenen en hun spel verder te ontwikkelen.
Voetbal!Leer voetballen als je favoriete sterren en word de nieuwe Beckham, Ronaldinho, Rooney of Zidane!Met foto’s en tekst die jonge spelers stap voor stap wegwijs maken in de voetbalsport.Uitsekende trainingsadviezen voor zowel basistechniek en wedstrijdvaardigheden als tactiek.Met portretten van proft die jonge spelers inspireren om te oefenen en hun spel verder te ontwikkelen.
Vijf studenten die niets met elkaar gemeen hebben, moeten als straf samen een zaterdag doorbrengen in de bibliotheek van hun school. Om 7uurs ochtends hadden ze niets waarover ze met elkaar konden praten. Tegen 4 uur s middags zijn ze elkaars beste v
"Westerbork Cahiers, 11In samenwerking met Stichting Herinneringscentrum Kamp WesterborkEen van de meest pregnante uitspraken over kamp Westerbork betreft het bestaan van een ziekenhuis. Historicus Jacques Presser spreekt van ‘de meest zinvolle en zinloze afdeling’. In deze zo op het eerste oog cryptische omschrijving ligt in wezen de hele tragiek van het Judendurchgangslager Westerbork in de periode 1942-1945 verscholen.Een ziekenhuis in een nazi-kamp? Het roept vele vragen op. Des te meer als we weten dat het destijds een van de beste ziekenhuizen in bezet Nederland was: uitstekend geoutilleerd, verpleegkundigen in overvloed, vermaarde en vooraanstaande chirurgen aanwezig en bijna alle denkbare specialisaties. Maar dat niet alleen. Met toestemming van de SS-leiding werd alle mogelijke moeite gedaan en werden vaak geen kosten gespaard opdat de patiënten genezen verklaard konden worden. Ja, kampcommandant Gemmeker liet soms niet na zelf handelend op te treden om het leven van een joods patiëntje te redden. Het verhaal van Michieltje is in dat opzicht sprekend.Dit elfde Westerbork Cahiers gaat op deze bizarre situatie in. Het is het verhaal van de gezondheidszorg in kamp Westerbork, verteld door patiënten, doktoren en verpleegsters. Allen gevangenen in een wereld van valse hoop.Eerder verschenen Westerbork Cahiers: 1. Bronnen van herinnering, isbn 90 232 2813 8 2. Kinderen in kamp Westerbork, isbn 90 232 2916 9 3. Verhalen uit kamp Westerbork, isbn 90 232 3024 8 4. Lachen in het donker, isbn 90 232 3141 4 5. Kamp Westerbork gefilmd, isbn 90 232 3265 8 6. Portretten van overleven, isbn 90 232 3376 x 7. Vluchtelingenkamp Westerbork, isbn 90 232 3488 x 8. Welkom in Holland! isbn 90 232 3699 8 9. Groeten uit Schattenberg, isbn 90 232 3797 810. Een gat in het prikkeldraad, isbn 90 232 3970 9"
Alle lof voor Amsterdam! De stad met het grootse verleden heeft zich met één daad tot de hoofdstad van het eenentwintigste-eeuwse Europa gemaakt door het Europees Museum van Overzee Gestolen Schatten in te richten en gratis voor iedereen open te stellen. Het is altijd druk in dit museum, maar het is nergens krap of benauwd. Met de mooie ruimtes en ongedwongen presentatie slaagt het museum er wonderwel in om een barrière te doorbreken, want de kunstwerken die hier worden getoond vertellen bij uitstek geschiedenissen die Europeanen liever niet willen horen. Tegenwoordig vinden Europeanen het niet prettig om te worden herinnerd aan het feit dat de startkapitalen van hun welvaart met geweld werden weggehaald uit de andere werelddelen.De vraag of de landen van Europa een gemeenschap vormen en een gezamenlijke identiteit bezitten, wordt hier overtuigend positief beantwoord: alle vooraanstaande Europese musea konden overzee gestolen cultuurgoed bijdragen. Gewoonlijk wordt bij de uitstalling van deze stukken weinig of niets gezegd over hun `herkomstgeschiedenis’. Het geeft een wonderlijk bevrijdend gevoel dat in het Europees Museum duidelijk staat toegelicht hoe de schatten van Inca’s en Azteken en andere uitheemse kunstwerken in Europese handen zijn gekomen. Want het is juist de gemeenschappelijke `verwervingsgeschiedenis’ die deze opmerkelijke collectie bijeen heeft gebracht. Zonder overzeese roof geen rijk Europa! Het museum exposeert kernmomenten in de geschiedenis van Europa’s verovering van de andere werelddelen, naast portretten van Europeanen die tegen de plundering bezwaar maakten. Net als tal van culturen is Europa gebouwd op diefstal en dwangarbeid, tegelijk is alleen in Europa een traditie van kritiek op het eigen kamp ontstaan. In talrijke samenlevingen verrijkte de elite zich door slaven te houden, maar alleen Europa kende een antislavernijbeweging die tenslotte succesvol was. In een spectaculaire wandeling door het Europees Museum geeft Ewald Vanvugt een uitvoerig overzicht van kunstschatten die ons v
Vijftig verrassende portretten van mannen die koken. Niet beroepshalve, want zij zijn bijna allemaal gerespecteerde beoefenaars van geheel andere beroepen, maar puur en alleen voor hun plezier. Of is het om iets te bewijzen, indruk te maken, applaus te oogsten?Voor de meeste mannen is koken geen dagelijkse verplichting, dus konden zij het zich veroorloven er een liefhebberij van te maken. Mannen die, net als vrouwen, noodgedwongen vele uren achter het fornuis doorbrengen – omdat ze a
Anne Frank hield van 12 juni 1942 tot 1 augustus 1944 een dagboek bij. Zij schreef haar brieven alleen voor zichzelf, tot ze in de lente van 1944 op radio Oranje de minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen in ballingschap, Bolkestein, hoorde spreken. Hij zei dat na de oorlog alle getuigenissen van het lijden van het Nederlandse volk onder de Duitse bezetting verzameld en openbaar moesten worden gemaakt. Als voorbeeld noemde hij onder andere dagboeken. Onder de indruk van deze redevoering besloot Anne Frank na de oorlog een boek te publiceren. Haar dagboek zou daarvoor als basis dienen.In maart 1945 stierf Anne Frank op vijftienjarige leeftijd in het concentratiekamp Bergen-Belsen. De enige overlevende van de familie, Otto Frank, zorgde ervoor dat het dagboek van zijn dochter toch gepubliceerd werd. In 1947 verscheen Het Achterhuis. Het is sindsdien een van de meest gelezen boeken ter wereld. Het is in meer dan dertig landen verschenen en er zijn meer dan zestien miljoen exemplaren van verkocht.‘Eén enkele Anne Frank ontroert ons meer dan de ontelbaren die net zo leden als zij, maar wier beeld in de schaduw is gebleven. Misschien moet dat ook zo zijn: als we het leed van alle mensen moesten en konden meelijden, zouden we niet kunnen leven.’primo levi
De Belgen hebben van de wanstaltigheid een deugd gemaakt. Ze konden niet anders, want zonder hun labyrintische, soms onvoorspelbare, ja zelfs verbijsterende ordening waren ze er nooit in geslaagd hun kleine chaos aan de Noordzee te overleven. In Het Belgisch labyrint leidt Geert van Istendael de lezer naar onvermoede schatten en verborgen schande. Begint België steeds sterker te lijken op een mislukte kopie van Magritte? Of wijst het juist de weg naar geheel nieuwe, onvermoede vormen van vredelievend samenleven? ‘Trap niet op België, sta niet toe dat dit koninkrijk verdwijnt. Want als België niet bestond moest Europa het uitvinden.’
De Eerste Wereldoorlog wordt terecht omschreven als de Urkatastrophe van de twintigste eeuw. De oorlog toonde hoe zeer de Europese staten zich hadden ontwikkeld tot su´cidale oorlogsmachines. Vier jaar lang lieten zij elkaar in het smalle niemandsland tussen de loopgraven letterlijk doodbloeden. Miljoenen soldaten sneuvelden.Was het uitbreken van deze oorlog onvermijdelijk? Waarom ontstond er een patstelling op het slagveld die vier jaar zou duren? Waarom konden de politici de oorlog niet door een compromisvrede beÙindigen? Niet alleen het militaire verloop komt aan de orde, Koen Koch gaat ook uitvoerig in op de politieke achtergronden en de sociale, culturele en literaire aspecten van de Grote Oorlog. Een kleine geschiedenis van de Grote Oorlog is een fascinerend boek over een van de bloedigste periodes uit de geschiedenis van de mens: van de moordaanslag op de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand op 28 juni 1914 tot de wapenstilstand op 11 november 1918.
Napoleons invasie van Rusland en de verschrikkelijke terugtocht vanuit Moskou die daarop volgde, betekenden militair vertoon en menselijke tragedie op kolossale schaal - het eerste historische voorbeeld van totale oorlog. De uitkomst ervan is van grote betekenis geweest voor het verloop van de Europese geschiedenis.Napoleons Grande ArmÚe, het grootste leger in de wereldgeschiedenis, had Spaanse en Portugese, Italiaanse en Poolse, Duitse en Kroatische, Nederlandse, Zwitserse en Franse soldaten in zijn gelederen. Napoleon joeg ze het uitgestrekte Rusland in, waar ze niet aan eten of water konden komen. Toen ze de Russen bij Rusland eindelijk tegenover zich vonden, volgde een veldslag die tot aan de Eerste Wereldoorlog zijn weerga niet kende. De ontberingen die de overlevenden daarna moesten doorstaan op hun winterse terugtocht vanuit Moskou, waren welhaast ondraaglijk.Adam Zamoyski heeft zich voor 1812 gebaseerd op de meest recente Russische research, maar ook op een groot aantal ooggetuigenverslagen uit heel Europa, om een overtuigend beeld te kunnen schetsen van de ervaringen van soldaten en burgers aan beide zijden van het conflict. Het resultaat is een even meesterlijk als aangrijpend boek. Het is verhalende geschiedenis van de hoogste orde - elegant geschreven en schitterend verteld.
Wat gebeurt er als de Staat, die je jarenlang vol overtuiging hebt gediend, zich plotseling tegen je keert?Op 18 juni 2009 werd Heleen de Waal op haar werkplek bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst aangehouden. Het bericht dat juist zij werd verdacht van het lekken van staatsgeheimen naar De Telegraaf, sloeg in als een bom. Zij werkte er al twaalf jaar als analist en stond bekend als deskundig en gedreven. Tijdens de eerste intensieve verhoren, verstoken van ieder contact met de buitenwereld, vertrouwde De Waal erop dat deze nachtmerrie snel voorbij zou zijn. Tot haar verbijstering ging het OM echter over tot strafvervolging. Omdat de onderliggende stukken geheim waren, konden de door de AIVD gepresenteerde feiten nauwelijks getoetst worden. Deze Kafkaëske situatie zou bijna vijf maanden duren. Op 14 juli 2010 werd ze door de rechter vrijgesproken. In Halve lucht beschrijft Heleen de Waal, op basis van dagboeken die ze in het geheim bijhield, hoe haar dagen eruit zagen op de vrouwenafdeling van een Nederlandse gevangenis. Hoe stelde ze zich teweer tegen de onterechte beschuldigingen van ‘haar’ AIVD? Hoe hield zij zich staande tussen verdachte drugsgebruikers en veroordeelde moordenaars? Een beklemmend relaas over geheimen en overtuiging, over verdenking en wantrouwen.
In dit boek spreekt Nobelprijswinnaar Mohamed ElBaradei zich voor het eerst uit over zijn ervaringen met Amerika, zijn onderhandelingen met Iran, en de kansen op een kernwapenvrije toekomst.Toen de IAEA, de ‘atoomwaakhond’ van de Verenigde Naties, een onbekende jurist aanstelde als voorzitter, konden maar weinigen voorzien welke rol Mohamed ElBaradei zou gaan spelen in een van de explosiefste conflicten van deze tijd. Worstelend met de Amerikaanse aanval op Irak, de nucleaire aspiraties van Noord-Korea en de groeiende afstand tussen het Westen en Iran manifesteerde ElBaradei zich als onafhankelijke stem, die op unieke wijze zijn geloofwaardigheid wist te bewaren in de Arabische wereld, maar ook in het Westen. ElBaradei en zijn IAEA ontvingen in 2005 de Nobelprijs voor hun inspanningen tegen de verdere verspreiding van kernwapens.
Waarom maakt chocola je blij? Helpt marihuana je geheugen te verbeteren wanneer je oud bent? Is koffie drinken echt het beste om wakker te worden en alert te zijn? Waarom word je duf van alcohol? Wat moet je eten of drinken om je beter te concentreren op je werk? Waarom word je suf van medicijnen tegen een simpele verkoudheid? Gaan je hersenen langer mee wanneer je minder eet? Waarom is het zo moeilijk om te stoppen met roken? Waarom dachten heksen vroeger dat ze konden vliegen?Aan de hand van vaak verrassende voorbeelden laat Gary Wenk zien dat alles wat wij consumeren invloed heeft op hoe wij denken, voelen en handelen. Eten, drinken, planten, nicotine en drugs beïnvloeden namelijk de verschillende neurotransmitters die met gedrag te maken hebben. Wenk beschrijft die afzonderlijke neurotransmitters, legt uit wat hun rollen zijn in de hersenen en hoe ze aan en uit kunnen worden gezet. Met die kennis kunt u vervolgens uw gedrag bewust beïnvloeden met wat u eet, drinkt en slikt.
Het Lucifer Effect gaat over het beruchte gevangenisexperiment van Philip Zimbardo, waaruit blijkt dat mensen als u en ik onder bepaalde omstandigheden tot gruwelijke dingen in staat zijn. In een nagebootste gevangenis kregen 'normale' studenten willekeurig de rol van bewaker of van gevangene toebedeeld. Hoewel het de bedoeling was het experiment twee weken lang te laten duren, moest het na zes dagen worden afgebroken omdat de studenten geen onderscheid meer konden maken tussen spel en werkelijkheid. Twee gevangen waren na een zenuwinzinking afgevoerd, een gevangene was in hongerstaking, een lag non-stop te schreeuwen in de isoleercel, de overigen gaven afgestompt en apathisch gehoor aan de bevelen van de bewakers te marcheren, zich op te drukken en seksuele spelletjes te doen.Zimbardo voelde zich schuldig dat hij niet eerder had ingegrepen en kon decennia lang geen boek over dit onderwerp schrijven. Pas toen hij in 2006 getuigendeskundige was bij het Abu Ghraib-proces voor een Amerikaanse soldaat die beschuldigd werd van martelpraktijken realiseerde hij het belang van zijn onderzoek. Zimbardo wist maar al te goed dat dit geen individuele uitwassen waren maar gewone mensen die zich door de groepsdynamiek lieten verleiden.Het Lucifer Effect biedt een huiveringwekkend ooggetuigenverslag van de manier waarop mensen slecht gedrag kunnen rechtvaardigen en doorzetten, terwijl ze weten dat ze daarmee anderen leed berokkenen. In dit boek doet Zimbardo van dag tot dag verslag van de gebeurtenissen, waarbij hij de analogie met de gebeurtenissen in Abu Garib laat zien. Ook haalt hij andere wetenschappelijke experimenten aan, waaronder het onderzoek naar de gehoorzaamheid om iemand te elektrocuteren van zijn voormalige klasgenoot Stanley Milgram.
Aan het eind van de negentiende eeuw voltrok zich niets minder dan een revolutie. Was het lezen van literaire, opiniërende en informatieve boeken, tijdschriften en kranten in 1850 voorbehouden aan een smalle bovenlaag, binnen een halve eeuw veranderde dit fundamenteel. Meer mensen dan ooit kwamen in aanraking met drukwerk en konden kennisnemen van het literair erfgoed, zich mengen in de discussies van de dag en door zelfstudie hopen op een betere toekomst. Tegelijkertijd werden politieke en levensbeschouwelijke bewegingen zich bewust van de mogelijkheden om via eigen bibliotheken, kranten en tijdschriften hun visie op de samenleving uit te dragen. Wie de negentiende-eeuwse lezers waren en welke boeken ze lazen, is nauwelijks bekend. Lazen ze flodderromans of literaire meesterwerken, vooral stichtelijke werken of ook pikante verhalen en wat waren de toenmalige bestsellers? Hoe kwamen deze lezers aan hun boeken? In Een stad vol lezers onderzoekt Boudien de Vries de Haarlemse leescultuur en schetst tegelijkertijd een beeld van de negentiende-eeuwse Nederlandse lezer. Boudien de Vries is universitair hoofddocent Sociale Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.
Deze studie zoekt een antwoord op de volgende vragen: wat hadden nieuwkomers in de periode 1945-1995 aan huisvesting nodig en kon daarin worden voorzien? Wat waren hun verwachtingen en wensen, konden ze die verwezenlijken? En hoe ging Nederland als ontvangende samenleving om met die nieuwkomers die zich er wilden vestigen? Gingen zij er bij horen e
Zal het ooit mogelijk zijn om in de tijd te reizen? Of om mensen onzichtbaar te maken?'Waarom niet?', stelt de beroemde fysicus Michio Kaku in Onmogelijke natuurkunde. Wetenschappers konden honderd jaar geleden immers ook niet inschatten dat lasers, televisies en de atoombom binnen de fysische mogelijkheden zouden komen te liggen.Kaku onderzoekt in dit boek of de technologieÙn en apparaten die we tot nu toe alleen uit de wereld van de sciencefiction kennen, in de toekomst de gewoonste zaak van de wereld kunnen worden. U wordt meegenomen op een onvergetelijke, betoverende reis door de wereld van de wetenschap. Onmogelijke natuurkunde is een buitengewoon spannend, maar ook verhelderend boek waarin bewezen wordt dat alles wat niet onmogelijk is, uiteindelijk moet gebeuren.Over de auteurMichio Kaku is hoogleraar in de theoretische fysica aan het Graduate Center van de City University of New York. Hij schreef verschillende boeken, waaronder Parallel Worlds, Beyond Einstein en Hyperspace (door The New York Times en The Washington Post uitgeroepen tot het beste wetenschappelijke boek van het jaar). Over Onmogelijke natuurkunde heeft de BBC een televisieserie geproduceerd.
"Dertig portretten, dertig puzzels, dertig kluwens […]. Een fascinerende kijk in het menselijke brein."Trouw, 13 april 2005Mensen met een verstandelijke beperking en een psychische stoornis: geen gebrek aan boeken en artikelen hierover. De complexe hulpvraag, de toenemende medicatie en nieuwe wetenschappelijke inzichten maken een medische component in de zorg voor deze mensen steeds belangrijker. Toch wordt de medische component in de beschikbare informatie veelal onderbelicht. En belangrijker nog: de persoonlijke verhalen van de verstandelijk beperkten worden vaak overgeslagen. Wat doen ze, wat voelen ze en hoe denken ze? Geen gebrek geeft inzicht in de mensen achter de beperking. Elk hoofdstuk vertelt het unieke verhaal van een volwassene met een verstandelijke beperking die daarnaast met een psychisch probleem of gedragsstoornis kampt. De auteur, een neuroloog–psychiater, beschrijft deze verhalen vanuit een klinische invalshoek. Hierbij onderstreept hij het belang van gedragsobservaties, zorgvuldigheid bij het voorschrijven van medicatie en multidisciplinaire samenwerking in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking.De verhalen zijn boeiend en levendig geschreven, ontroerend, vol respect, warmte, humor en vakkennis. Ze roepen herkenning op bij iedereen die betrokken is bij de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en bieden een handreiking voor een optimale zorg en behandeling van deze mensen.
De minister is het gezicht van Buitenlandse Zaken, maar wie kent de topambtenaren en diplomaten op het ministerie? Toch is hun invloed vaak nauwelijks minder groot. Over deze spelbepalers van de buitenlandse politiek gaat deze bundel.In dienst van Buitenlandse Zaken bevat een twintigtal portretten van vooraanstaande, invloedrijke of opzienbarende Nederlandse diplomaten en hoge ambtenaren op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Behalve hun maatschappelijke loopbaan komen ook de sociale achtergrond en de politieke gezindheid van de topambtenaren uitvoerig aan bod. Deze invalshoek levert een verrassend beeld op van het twintigste-eeuwse Nederlandse buitenlands beleid.
Goed kunnen spreken, normaal - en lekker! - eten en drinken, een gaaf uiterlijk… voor de meeste mensen zijn dit allemaal volkomen vanzelfsprekende dingen. Maar dat geldt niet voor wie te maken krijgt met kanker in het hoofd-halsgebied. In Hoofd- en halszaken vertellen patiënten openhartig over de enorme impact van deze ziekte op hun leven. Zij kennen gevoelens van angst en teleurstelling, maar tonen ook ongekende moed en vechtlust. Velen beschikken over een bijzondere veerkracht waarvan ze zich eerder niet bewust waren. Ervaringsdeskundigheid en medische kennis komen in dit boek samen. Een groot aantal patiënten en hun naasten vertellen hun verhaal. Indringende en tegelijkertijd bemoedigende portretten zijn het resultaat. Hoofd- en halszaken is in de eerste plaats een boek dóór en vóór de patiënt met kanker in het hoofd-halsgebied. De combinatie van ervaringsverhalen én bijdragen van (para)medici levert echter ook de zorg- en hulpverlener een boeiend en betrouwbaar inzicht in de processen rond hoofd-halskanker.
In deze vijfde en laatste bundel EGMONDSE STUDIËN, gewijd aan de geschiedenis van het middeleeuwse klooster Egmond, gaan Peter Gumbert, Jan Burgers en Erik Cordfunke in op thema's die ook in de vorige delen aan bod kwamen: schrijvers, boeken, oorkonden, liturgie, heiligenlevens en kerkstichtingen. Daarnaast wordt aandacht besteed aan enkele in de bibliotheek bewaard gebleven gregoriaanse notaties (Ike de Loos), de Egmondse achtergrond van een van de voormannen van de Moderne Devotie (Hildo van Engen), de plaats van Egmond in de kloosterhervormingen van de vijftiende eeuw (Elke Ursel Hammer) en de relatie tussen Erasmus en de abdij (Jan van Herwaarden). Tot slot leest Karen Vintgens Adalberts heiligenleven met de ogen van deze tijd.Inhoud: G.N.M. VIS, Het klooster Egmond: hortus conclusus J.P. GUMBERT, Het Egmonds Evangeliarium: van ontstaan tot restauratie J.P. GUMBERT, De keurmedigen van Rinnegom J.P. GUMBERT, Enkele opmerkingen over het Egmondse cartularium en de kleinere geschiedbronnen daarin J.W.J. BURGERS, De abdij van Egmond en het begin van het Hollandse oorkondewezen J.W.J. BURGERS/ M. MOSTERT, 'De manie overal vervalsingen te zien'. Oorkondenvervalsingen in Egmond en Holland I. DE LOOS, En tóch konden ze zingen in Egmond E.H.P. CORDFUNKE, Het kerkenbezit van de abdij van Egmond in de 12de eeuw J.P. GUMBERT, Over een lange en een korte Vita Adalberti secunda J.W.J. BURGERS, De Breviculi Egmundenses. Inleiding, editie en vertaling H.E. VAN ENGEN, Van molenaarszoon tot rechtsgeleerd abt. Arnold Willemsz. (ca. 1345-1420) en de monastieke observantie van de 15de eeuw E.U. HAMMER, Reform der Abtei Egmond und Anschluß an die Bursfelder Benediktinerkongregation J. VAN HERWAARDEN, Erasmus en Egmond K.V.Q. VINTGES, Oude heiligenlevens in nieuw perspectief. Overdenkingen bij het lezen van de Vita sancti Adalberti Overzicht van artikelen in de Egmondse Studiën I-V Index
In IndonesiÙ woont een groep oudere Indische Nederlanders die de band met Nederland nog altijd als hecht ervaren. Ze spreken Nederlands, houden van de koningin, zijn Nederlands in hun hart en in elke vezel van hun lichaam, maar hun paspoort is niet Nederlands. Zij bleven in IndonesiÙ omdat ze voor oude familieleden wilden zorgen, omdat ze vertrouwden op het advies van de Nederlandse regering om niet naar Nederland te komen, omdat ze ten tijde van de soevereiniteitsoverdracht minderjarig waren en hun vader besloot dat ze IndonesiÙr werden, of omdat hun papieren in de oorlog waren kwijt geraakt.Velen van deze voormalige landgenoten zijn nu oud, arm en ziek. De Stichting HALIN steunt hen. Het gaat om rond 850 mensen die buiten hun schuld in hulpbehoevende omstandigheden zijn geraakt. Al zijn ze volgens hun paspoort IndonesiÙr, toch voelen zij zich Nederlander. Ze zijn Familie gebleven, ondanks alle politieke ontwikkelingen tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.In Familie gebleven vertelt Vilan van de Loo hun geschiedenis. Het hart van dit boek bestaat uit acht portretten van deze voormalige Nederlanders, die nu voor het eerst op deze manier in woord en in beeld zichtbaar willen worden. Wie zijn deze mensen, waarom zijn ze daar gebleven en hoe is het ze sindsdien vergaan? Ook wordt de geschiedenis belicht van de hulpverlening door Halin.Journaliste en publiciste Vilan van de Loo reisde naar IndonesiÙ om het antwoord op deze en andere vragen te vinden. In Jakarta, Bandoeng, Semarang en Soerabaja ontmoette zij een deel van het Indisch verleden van Nederland. Familie gebleven - Hulp aan Landgenoten in IndonesiÙ is het resultaat: een fascinerend tijdsbeeld, dat een vrijwel vergeten deel van de Nederlandse geschiedenis helder belicht.
Veel sociale professionals hebben hun beroep gekozen omdat ze graag met mensen willen werken: het maakt hun werk boeiend en afwisselend. Maar hoe komt het dat het werken met sommige mensen als vanzelf gaat, terwijl het met anderen veel moeite kost? Het antwoord op deze vraag ligt voor een groot deel verscholen in diversiteit: verschillen in identiteit van de professionals en van de mensen met wie zij werken. Retourtje inzicht helpt toekomstige professionals inzicht te ontwikkelen in de vele facetten van hun eigen identiteit en die van anderen.Het boek bevat drie leerroutes. In de route ‘Denken’ presenteren de auteurs de theorie en in de route ‘Doen’ worden de studenten met behulp van opdrachten uitgedaagd om op een creatieve en praktische manier aan hun diversiteitscompetenties te werken. In het ‘Dagblog van een reiziger’ kunnen ze zich laten inspireren door het verslag van een zoektocht naar inzicht. Verder maken de studenten kennis met kleurrijke professionals die laten zien hoe zij creatief omgaan met diversiteit.In Retourtje inzicht wordt gewerkt volgens de Community Art-methode: een nieuwe, creatieve manier van onderzoek doen. Het boek bevat veel opdrachten: individuele en groepsopdrachten, denk- en doeopdrachten, en real life- en filosofische opdrachten. In alle hoofdstukken wordt gewerkt met internetsites, films, portretten, boeken, muziek en citaten. Dit alles maakt Retourtje inzicht een verrassende reisgids voor iedereen die zich wil voorbereiden op het succesvol omgaan met diversiteit in welzijn, gezondheidszorg of onderwijs.Toinette Loeffen werkt als dramadocent op de Hogeschool Utrecht en als onderzoeker bij het Kenniscentrum Sociale Innovatie. Zij is projectleider van een landelijk Sia-Raakproject: Kunst inclusief. Herma Tigchelaar is theoloog en doet bij hetzelfde kenniscentrum onderzoek naar religie en biografie. Samen ontwikkelen zij programma’s rond diversiteit en creativiteit.
Van de straat naar de staat?Groenlinks 1990-2010Gerrit Voerman, Paul LucardieIn 2010 is het twintig jaar geleden dat GroenLinks werd opgericht. Sindsdien heeft de partij oppositie gevoerd. Hoe heeft de partij zich in de loop der jaren ontwikkeld? En hoe zal het GroenLinks hierna vergaan?In 1990 smolten CPN, PSP, PPR en EVP samen in GroenLinks. Aanhangers van de kleine linkse partijen waren elkaar regelmatig tegengekomen bij acties tegen kernbewapening en milieuvervuiling, en bleken meer met elkaar gemeen te hebben dan gedacht. Toch verliep de fusie niet gemakkelijk: sommige leden hadden moeite met ‘links’, andere juist met ‘groen’.De tijdgeest leek vooral groen. Overal in Europa ontstonden groene partijen, waarvan sommige al spoedig konden meeregeren. GroenLinks overkwam dat (nog) niet, maar de partij paste zich aan de tijdgeest aan. Onder invloed van leiders als Paul Rosenmöller en vooral Femke Halsema werd GroenLinks geleidelijk minder links, maar niet minder groen. Deelname aan de regering in de nabije toekomst is niet uitgesloten.In Van de straat naar de staat? worden de geschiedenis en de ideologische ontwikkeling van GroenLinks beschreven en haar kiezers en leden geanalyseerd.
In De trotse toren schildert Barbara Tuchman als op een panoramisch canvas de grootsheid én de schaduwzijden van de West-Europese en Anglo-Amerikaanse cultuur, die in de jaren 1890-1914 hun hoogtepunt bereikten, voor de geaccumuleerde spanningen in de Eerste Wereldoorlog tot ontlading kwamen. De periode die veelal aangeduid wordt als de belle époque gaf technologische vooruitgang en materiële voorspoed te zien, maar het was ook een rusteloze tijd van grote culturele veranderingen, sociale mobiliteit en toenemende politieke spanningen, die bijvoorbeeld aan de oppervlakte kwamen in de Dreyfusaffaire.Boeiend en inzichtelijk legt Tuchman de interne tegenstellingen van de westerse samenleving bloot door middel van portretten van onder meer de Britse aristocratie, de anarchisten en het Duitse cultuurklimaat, en invloedrijke personen als keizer Wilhelm II, de staatsman Theodore Roosevelt, de componist Richard Strauss en de auteur Émile Zola.BARBARA TUCHMAN (1912-1989) studeerde geschiedenis aan de universiteit van Radcliffe en schreef, na een journalistieke carrière, een aantal inmiddels klassieke boeken over historische onderwerpen. Bij De Arbeiderspers verschenen tevens De waanzinnige veertiende eeuw en De kanonnen van augustus.*Tuchman [was] een eminent historicus die in haar boeken een zeldzame combinatie van onberispelijke geleerdheid en literaire finesse aan den dag legde. [...] Wie De trotse toren leest doet dat onherroepelijk met plezier en bewondering. – THE NEW YORK TIMES
'Papieren pracht uit de Amsterdamse Gouden Eeuw' biedt een overzicht van de schatten die dankzij het Dr. Th.J. Steenbergen Fonds verworven of gerestaureerd konden worden. Het boek markeert de overgang van dit fonds naar een nieuwe vorm van mecenaat.Amsterdam, in de late middeleeuwen nog een onbeduidend stadje, groeide in de zeventiende eeuw uit tot een metro pool. De macht, welvaart en kunst zin van Amsterdam konden wedijveren met die van Londen en Venetië. De Nederlandse Gouden Eeuw is vooral de Gouden Eeuw van Amsterdam. Het ‘wonder van Amsterdam’ vertoont zich in grachtenhuizen en schilderijen, maar evenzeer in boeken. De stad had dan ook de grootste boekproductie ter wereld. De mooiste en omvangrijkste verzameling van Amsterdamse boeken uit de Gouden Eeuw bevindt zich nu bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam.Deze verzameling wordt regelmatig uitgebreid. De Bijzondere Collecties krijgen daarbij steun van het Dr. Th.J. Steenbergen Fonds. Dit fonds bekostigt de aanschaf en restauratie van boeken, kaarten en handschriften ter versterking van de Gouden Eeuw-verzameling. Garrelt Verhoeven is hoofdconservator Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam
Het beroep psychiater bestaat ruim honderd jaar. Een eeuw geleden oefenden in Nederland ongeveer zestig artsen dit beroep uit in gestichten en sanatoria. Tegenwoordig werken ruim tweeduizend psychiaters in Nederlandse ziekenhuizen, GGZ-instellingen en privé-praktijken. De geschiedenis van dit beroep begint met de behandeling van krankzinnigen door artsen in de 19de eeuw. De professionalisering kreeg vervolgens vorm door de oprichting van een aparte beroepsvereniging in 1871 en de instelling van universitaire leerstoelen. De introductie van de psychoanalyse bracht een nieuwe specialisatie, de psychotherapie. Verder wordt in het boek aandacht besteed aan de psychiatrieopleiding, de spanning tussen de medische en de sociale oriëntatie, de opkomst van de biologische psychiatrie en de recente beregeling van de praktijk in de geestelijke gezondheidszorg. Het boek combineert een breed overzicht van de geschiedenis van het psychiatrisch beroep in ons land met thematische verdieping en het presenteert nieuw materiaal aan de hand van eigen onderzoek. Vijf portretten van psychiaters uit verschillende fasen van deze geschiedenis bieden de lezer ten slotte een persoonlijk perspectief op de ontwikkeling van het beroep. Met gezag en deskundigheid biedt (aankomend) psychiaters een goed toegankelijke inleiding in de geschiedenis van hun beroep, en is een informatieve bron voor iedereen die werkzaam is in de geestelijke gezondheidszorg of anderszins geïnteresseerd in de geschiedenis van de psychiatrie.
Ooit werd de achttiende eeuw aangeduid als de 'pruikentijd'. Die naam riep een beeld op van vadsige rijken die in beslotenheid converseerden over ‘De Verlichting', maar dit zo zwaarwichtig en gekunsteld deden dat latere generaties er geen belangstelling voor konden opbrengen. Tussen Johan de Witt en Thorbecke zou het leven min of meer stil hebben gestaan.Inmiddels is dit beeld veranderd. Er viel destijds ook straatrumoer te beluisteren, teweeggebracht door mannen en vrouwen met andere meningen en besognes, veelal minder gefortuneerden die fel commentaar gaven op de stand van zaken, of verslag deden van hun avonturen. Het rumoerige leven van enkele achttiendeeeuwers is onderwerp van De andere achttiende eeuw.De satirische journalist Jacob Campo Weyerman vertegenwoordigt deze andere achttiende eeuw par excellence. In zijn directe omgeving vinden we een andere querulant, de hekeldichter Jan van Hoogstraten; wat verder van hem verwijderd de Amster-damse kousenkoopman en vrijdenker Pieter Bakker. De vrijmetselaar en oplichter George Smith doemt op als een schijngestalte van Weyerman.Geen achttiende eeuw zonder patriottenstrijd. Aan het woord komen de gedesillusioneerde revolutionair Gerrit Paape en de orangist Philippus Verbrugge, een oproerkraaiend predikant die decennialang strafrechtelijk werd vervolgd. Maar niet zo lang als de ervaringsdeskundige-bij-uitstek op het gebied van het toenmalige gevangeniswezen, Jacob Eduard de Witte.Satire, broodschrijverij en gevangenschap, revolutie, en vrijmetselarij: rumor erat in casa!
Mensen communiceren niet alleen bewust en verbaal, maar ook voortdurend onbewust en non-verbaal. Een belangrijk deel van dat onbewuste communiceren wordt veroorzaakt door het zogenoemde 'non-verbale lek': onderdrukte emoties die via - vaak zeer korte - non-verbale signalen zichtbaar worden. Het onderdrukken van emoties kan een culturele oorzaak ('mannen huilen niet') of een psychologische reden (jeugdtrauma e.d.) hebben.Non-verbale communicatie is op zich niet te be´nvloeden of te voorkomen. Het is wel mogelijk de signalen te leren herkennen. Cruciaal daarbij is herhaling van bepaald gedrag. Non-verbale communicatie is niet eenduidig, vermeende signalen kunnen toevallig zijn. Pas als er een patroon is, kunnen toevalligheden worden uitgesloten.De wijze waarop mensen non-verbaal communiceren, hangt af van hun persoonlijke communicatiestijl. Daarvan worden 3 onderscheiden: de emotionele, de rationele en de intu´tieve stijl. Omdat onbewuste non-verbale communicatie niet te voorkomen en te beheersen is, laat de communicatiestijl in de loop van de tijd zijn sporen na in het gezicht (in de vorm van lijnen en bulten, voortdurend aangetrokken spieren e.d.)De 3 stijlen worden uitvoerig beschreven aan de hand van signalen, uiterlijke kenmerken en algemenere vormen van gedrag. Daarnaast worden veel foto's getoond. Portretten van bekende personen en beschrijvingen van hun gedrag maken een en ander concreet. Verder wordt steeds ingegaan op de wijze waarop in communicatieve situaties kan worden omgegaan met ieder van de 3 stijlen.De afsluitende hoofdstukken van het boek bieden oefeningen om signalen, uiterlijke kenmerken en gedrag te herkennen en te duiden. Het afsluitende hoofdstuk biedt een zelftest om de eigen communicatiestijl vast te stellen.Tenslotte vindt de lezer op de omslag van het boek een 'bankpasje' met een synopsis van de drie non-verbale communicatiestijlen.
Ze zijn inmiddels allemaal volwassen, maar de kinderen van het gezin K. hebben geen goede jeugd gehad. Zij maakten deel uit van een in menig opzicht disfunctionerend gezin en er zijn aanwijzingen dat zij op prille leeftijd door hun ouders en wellicht ook anderen seksueel misbruikt zijn. De aanwijzingen voor het misbruik kwamen pas aan het licht enkele jaren nadat de kinderen om andere redenen uit huis waren geplaatst bij twee pleeggezinnen.Complicaties tijdens het opsporingsonderzoek ontstonden toen de beschuldigingen van de kinderen aan het adres van hun ouders steeds verder escaleerden, tot zij een niveau bereikten wßarop zij niet langer geloofd konden worden. De vraag werd toen wanneer men mocht ophouden de kinderen te geloven. Die vraag is in het bijzonder van belang voor Kees van den B., die slechts enkele maanden de vaderrol in het gezin vervulde en aan wiens adres de meest ongeloofwaardige beschuldigingen waren gericht. Het was deze Kees van den B. die deze zaak aan het Project Gerede Twijfel voorlegde.Over de auteurHans Crombag is emeritus hoogleraar rechtspsychologie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Van 1975 tot 1998 doceerde hij hetzelfde vak (in deeltijd) aan de Universiteit Antwerpen, en van 1980 tot 1987 (als bijzonder hoogleraar) aan de Universiteit Leiden.Mirthe den Hartog studeerde psychologie aan de Universiteit Maastricht en criminologie aan de Vrije Universiteit. In 2005-2006 was zij aangesteld bij de juridische faculteit van de Universiteit Maastricht. Momenteel werkt zij als gedragsdeskundige bij de politie Gelderlandmidden.
Honderd jaar geleden waren samenlevingen blind voor zichzelf. Zij konden zich niet waarnemen en kenden zichzelf daarom slecht. Wie toen iets over de samenleving zei, deed dat op basis van giswerk en anekdote. In de twintigste eeuw hebben samenlevingen geleerd zich te observeren, wat veel meer inhoudt dan waarnemen. Leren scherp te zien en nauwkeurig te meten volstaat hierbij niet. De observaties moeten ook worden verwerkt en ge´nterpreteerd. Zij moeten kennis en inzicht opleveren en het maatschappelijke leven verhelderen. De wetenschappelijke discipline die zich daarop toelegt heet sociologie.Deze inspirerende en gedegen inleiding in de sociologie legt de link tussen de sociologische theorie en het dagelijkse leven. Zij wil de student scherper leren zien en zijn horizon verruimen. Zij wil de aandacht vestigen op wat anders ongemerkt voorbijgaat en het analytische vermogen aanscherpen. Dit boek doet dat niet door middel van een saaie opsomming van begrippen, namen en theorieÙn; de sociologie is veel meer dan dat. De sociologie is een verhaal en een avontuur en zowel een vrolijke als een ontnuchterende wetenschap. Deze inleiding laat de lezer dat avontuur meebeleven.Dit boek is bedoeld voor studenten in het hoger onderwijs en aan de universiteit die een inleidende cursus volgen op het gebied van sociologie en voor iedereen die ge´nteresseerd is in het vakgebied sociologie.De auteurMark Elchardus is gewoon hoogleraar sociologie en voorzitter van de vakgroep sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij doceert algemene sociologie en cultuursociologie. Zijn onderzoek betreft de cultuursociologie en de sociologie van de tijdsordening, in het bijzonder de hedendaagse ontwikkelingen van opvattingen, houdingen en wijzen van denken en voelen.