Het is een fundamentele verantwoordelijkheid van elke basisschool dat alle kinderen de school na groep 8 als goede le-zers verlaten, zeker in de 'kenniseconomie' van de 21e eeuw. Het is daarom zorgelijk dat zo'n 25% van de kinderen aan het eind van groep 8 geen goede lezer is. In dit boek stelt Dr. K.Vernooy dat scholen dat percentage kunnen verlagen tot 5% als zij evidence-based leesonderwijs realiseren. Dat wil zeggen dat scholen werken volgens methoden waar-van wetenschappelijk onderzoek heeft bewezen dat deze effectief zijn. Op basis van onderzoeksresultaten ontkracht Vernooy in dit boek een aantal veel voorkomende misvat-tingen en mythen over leren lezen, maar geeft hij vooral aan hoe scholen leesproblemen bij risicokinderen kunnen voorkomen en de leesresultaten van zwakke lezers kunnen verbeteren. Het wordt duidelijk dat de deskundigheid van de leerkracht hierbij van cruciale betekenis is.Dr. Kees Vernooy is als specialist op onder andere het gebied van taal/leesonder-wijs verbonden aan CPS onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort. Hij was als zodanig betrokken bij verschillende bekende leesverbeteringsprojecten, zoals het ZWALUW-project, het ELLO-project, het BOV-interventieproject, het LISBO- en VLOT-project voor het speciaal onderwijs en het HARD-project voor kinderen met hardnekkige leesproblemen. Momen-teel is hij wetenschappelijk projectleider van het EL2-project, dat tot doel heeft kinderen in het speciaal ba-sisonderwijs beter te leren lezen. Begin 2006 ontving Vernooy de BVOA-award voor beste onderwijsadvi-seur van Nederland.
In 1894 verscheen het eerste officiële leesplankje RAAM-ROOS-NEEF bij de firma Brinkgreve te Deventer. Dit plankje had twee rijen met in totaal vijftien plaatjes, waaronder de woordjes waren vermeld. De afbeelding bij het woord gat was een echt gat dat in het plankje was geboord in het midden van de bovenste rij.De belangstelling voor het leesplankje, vooral het AAP-NOOT-MIES (getekend door Cornelis Jetses) is vanaf het begin groot geweest. Pas omstreeks 1970 kwam een einde aan het officiële gebruik van leesplankjes in het leesonderwijs.In dit boek wordt u meegenomen op een zwerftocht door de geschiedenis van meer dan twintig leesplankjes. Leren lezen tussen Groningen en Kaapstad!
Dit deel beschrijft hoe leerkrachten van groep 4 tot en met 8 het voortgezet technisch leesonderwijs op effectieve wijze kunnen vormgeven. Wat zijn de kenmerken en hoe kunnen leerkrachten omgaan met de verschillen tussen leerlingen? De auteurs baseren zich op wetenschappelijk onderzoek en geven tips hoe dit om te zetten naar de praktijk.
Kinderen zijn voortdurend bezig met hun taalontwikkeling, binnen en buiten de school. Ze spreken en luisteren, schrijven en lezen en ze denken en praten over hun eigen taalgebruik en dat van anderen. Hoe leren kinderen taal en hoe geeft een leraar in het primair onderwijs daar richting aan?In Portaal - Praktische taaldidactiek voor het primair onderwijs komen alle aspecten van het taalonderwijs in het primair onderwijs aan de orde. De onderwerpen en de didactiek sluiten aan bij de kennisbasis. In de tien hoofdstukken komen achtereenvolgens aan de orde: taal en taalonderwijs, taalverwerving, onderwijs in mondelinge taalvaardigheden, woordenschatonderwijs, leesonderwijs, schrijfonderwijs, taalbeschouwingsonderwijs, onderwijs in jeugdliteratuur, meertaligheid en Nederlands als tweede taal en ten slotte taalbeleid.Bij het boek hoort een website met uitgebreid studiemateriaal, met onder andere vragen en opdrachten.Portaal is in de eerste plaats geschreven voor studenten van de pabo, maar kan ook voor nascholingsdoeleinden worden gebruikt, bijvoorbeeld voor de opleiding tot taalcoördinator.
Het is van belang dat leerlingen in het leesonderwijs een doorgaande lijn volgen. Dit naslagwerkje biedt basisscholen ondersteuning bij het realiseren van een doorgaande leeslijn voor leerlingen van 3 tot 13 jaar.Per leeftjidsgroep – peuters, kleuters, groep 3, groep 4-6 en groep 7-8 wordt aandacht besteed ann leergebieden, doelen, materialen, toetsinstrumenten en aan de aanpak van risicoleerlingen. Daarnaast is er aandacht voor twee cruciale momenten in de leeslijn; de overgang van groep 2 naar groep en van groep 3 naar groep 4.
Deze publicatie beschrijft hoe leerkrachten van groep 1 en 2 ervoor kunnen zorgen dat alle kleuters een goede leesstart maken en goed toegerust beginnen aan het aanvankelijk technisch lezen in groep 3Dit boekje is het tweede deel van de serie ‘Doorgaande leeslijk 3-13 jarigen’, uitgegeven door CPS. Deze reeks ondersteunt basisscholen bij het realiseren van een doorgaande lijn in het taal/leesonderwijd. Dat is van groot belang, omdat een goede leesvaardigheid de basis is van een succesvolle schoolloopbaan en van het welbevinden in de maatschappij. De serie ‘Doorgaande leeslijn 3-13 jarigen’ besteedt aandacht aan kenmerken van effectief taal/leesonderwijs in de verschillende groepen. Naast het overzichtsboekje Basisstructuur Doorgaande leeslijn bestaat de serie uit delen die ingaan op de verschillende aspecten van taal/lezen, zoals Een Goede Leesstart, Aanvankelijk Technisch Lezen, Voortgezet Technisch Lezen en Begrijpelijk Lezen.Drs. Lidy Ahlers is als specialist op het gebied van taal/leesonderwijs verbonden aan CPS onderwijsontwikkeling en advies in Amersfoort. Zij begeleidt met name scholen die meedoen aan driejarige intensieve leestrajecten. Daarnaast ontwikkelt en verzorgt zij studiedagen over Woordenschat Begrijpend Lezen en Voortgezet Technisch Lezen. Ahlers is hoofdauteur van de serie Doorgaande Leeslijn en van de herziene versie van de Begrijpend Leesmethode ‘Tekst Verwerken’ van uitgeverij Wolters Noordhoff.
Leesstart (taal voor kleuters)Juffrouw Blom levert software om Nederlands mee te leren. De programma's zijn bedoeld voor kinderen die moeite hebben met taal. De verkrijgbare cd's (Leesstart en Begrijpend Lezen) bevatten een zeer grote hoeveelheid oefenstof, waar kinderen grotendeels zelfstandig mee aan de slag kunnen. De ervaring heeft geleerd dat de meeste kinderen die gedurende een paar maanden dagelijks tien minuten oefenen, een grote inhaalslag kunnen maken. Leesstart is een programma voor kinderen die (moeite hebben met) leren lezen. Met het programma leren leerlingen klankovereenkomsten in woorden onderscheiden. Dit is een belangrijke voorwaarde voor en ondersteuning bij het leren lezen. Daarnaast richt het programma zich op de letterkennis. Pas als leerlingen in staat zijn de afzonderlijke klanken in woorden goed waar te nemen, kunnen ze de volgende stap nemen, namelijk het koppelen van letters aan klanken, waar het normale leesonderwijs zich op richt.
Jubelientje en oma hebben veel plezier. Als ze naar de garage moeten. Als ze allebei het laatste dropje op willen eten. Als er jonge hondjes worden geboren… De puppy’s zijn zo lief! Jubelientje wil ze allemaal houden.In Jubelientje en het laatste dropje zijn opgenomen Jubelientje en haar liefste oma (Vlag en Wimpel van de Griffeljury), Jubelientje weet de weg en Jubelientje krijgt jonkies (Getipt door de Kinderjury). Het bevat 46 verhalen - 5 stripverhalen - 1 liedje - en een heleboel brieven. Om voor te lezen of om zelf te lezen na ongeveer één jaar leesonderwijs.
Mini Loco betekent urenlang speelplezier. Kinderen vanaf 4 jaar kunnen al zelfstandig met de Mini Loco doos en de boekjes werken.Het allerleukste leerspelMet dit unieke spelsysteem kunnen kinderen zelf controleren of ze de opdrachten goed hebben gemaakt. Zo ontwikkelen ze zich spelenderwijs. Mini Loco is het meest leerspel op de basisschool.Veel plezier!Nog veel meer boekjesEr zijn nog veel meer bowekjes voor groep 1-2:Ontwikkeling (2 boekjes)Oriëntatie (2 boekjes)Taalspelletjes (3 boekjes)Rekenspelletjes (4 boekjes)Kikker (2 boekjes)Nijntje ( 4 boekjes)Sesamstraat (4 boekjes)Ook zijn er boekjes voor groep 3-4. Ze zijn allemaal te gebruiken bij de basisdoos van Mini Loco.Taalspelletjes boekjes:Taalspelletjes 1, Mijn letters (4-5 jaar, groep 1)Taalspelletjes 2, Mijn letters (4-5 jaar, groep 2)Taalspelletjes 3, Ik leer lezen (5-6 jaar, groep 2-3)Taalspelletjes 4, Ik leer lezen (5-6 jaar, groep 3)Een speel en leerzaam begin van lezen. Uw kind spelt diverse oefeningen met letters en woorden. Een prima voorbereiding op het leesonderwijs in de basisschool.
Mini Loco betekent urenlang speelplezier. Kinderen vanaf 4 jaar kunnen al zelfstandig met de Mini Loco doos en de boekjes werken.Het allerleukste leerspelMet dit unieke spelsysteem kunnen kinderen zelf controleren of ze de opdrachten goed hebben gemaakt. Zo ontwikkelen ze zich spelenderwijs. Mini Loco is het meest gebruikte leerspel op de basisschool.Veel plezier!Nog veel meer boekjesEr zijn nog veel meer boekjes voor groep 1-2:Ontwikkeling (2 boekjes)Oriëntatie (2 boekjes)Taalspelletjes (3 boekjes)Rekenspelletjes (4 boekjes)Kikker (2 boekjes)Nijntje (4 boekjes)Sesamstraat (4 boekjes)Ook zijn er boekjes voor groep 3-4. Ze zijn allemaal te gebruiken bij de basisdoos van Mini Loco.Taalspelletjes boekjes:Taalspelletjes 1, Mijn letters (4-5 jaar, groep 1)Taalspelletjes 2, Mijn letters (4-5 jaar, groep 2)Taalspelletjes 3, lk leer lezen (5-6 jaar, groep 2-3)Taalspelletjes 4, lk leer lezen (5-6 jaar, groep 3)Een speels en leerzaam begin van lezen. Uw kind speelt diverse oefeningen met letters en woorden. Een prima voorbereiding op het leesonderwijs in de basisschool.
Mini Loco is het meest gebruikte leerspel op de basisschool. Kinderen kunnen zelfstandig de opdrachten maken en controleren.Het allerleukste leerspelDit Mini Loco boekje bevat afwisselende oefeningen voor kinderen die al een beetje kunnen lezen.Het niveau sluit aan bij het leesonderwijs halverwege groep 3 (ongeveer tot de kerstvakantie).Boekjes Taal/Lezen voor groep 3Taal/Lezen 3-1Taal/Lezen 3-2Deze boekjes zijn te gebruiken bij de Mini Loco basisdoos.Veel plezier!Er zijn nog veel meer Mini Loco boekjes
Jubelientje kan al drie woorden schrijven: KUS, OPA en IK.Maar haar eigen naam, dat lukt nog niet. Daar helpt oma haar mee.Samen spelen ze met letters en woorden. En Jubelientje ontdekt dat er in de letters van KUS-IK-OPA een KIP woont.Ideaal voor alle kinderen die net leren lezen: samen met Jubelientje kunnen zij het geheim van letters en woorden ontraadselen. Na ongeveer één jaar leesonderwijs kunnen ze de verhalen zelf lezen.
Mini Loco is het meest gebruikte leerspel op de basisschool. Kinderen kunnen zelfstandig de opdrachten maken en controleren.Het allerleukste leerspelDit Mini Loco boekje bevat afwisselende oefeningen voor kinderen die net leren lezen.Het niveau sluit aan bij het leesonderwijs in het begin van groep 3 (ongeveer tot de herfstvakantie).Boekjes Taal/Lezen voor groep 3Taal/Lezen 3-1Taal/Lezen 3-2Deze boekjes zijn te gebruiken bij de Mini Loco basisdoos.Veel plezier!Er zijn nog veel meer Mini Loco boekjes
Jubelientje en oma hebben veel plezier. Als ze naar de garage moeten. Als ze allebei het laatste dropje op willen eten. Als er jonge hondjes worden geboren… De puppy’s zijn zo lief! Jubelientje wil ze allemaal houden.In Jubelientje en het laatste dropje zijn opgenomen Jubelientje en haar liefste oma (Vlag en Wimpel van de Griffeljury), Jubelientje weet de weg en Jubelientje krijgt jonkies (Getipt door de Kinderjury). Het bevat 46 verhalen - 5 stripverhalen - 1 liedje - en een heleboel brieven. Om voor te lezen of om zelf te lezen na ongeveer één jaar leesonderwijs.
In Waaldorp vindt een groot feest plaats: het festival van de liefde. Alle inwoners zoenen en omhelzen elkaar zoveel als ze kunnen, terwijl op het dorpsplein een danswedstrijd wordt gehouden - allemaal om geld in te zamelen voor de arme kinderen op de wereld. Maar als het festival is afgelopen, gebeuren er opeens vreemde dingen: het erepodium stort in en het licht van de schijnwerpers gaat plotseling uit. En wat het ergste is: al het opgehaalde geld blijkt spoorloos verdwenen ... Lukt het Lars en Maja ook nu weer deze geheimzinnige zaak op te lossen? Dit is deel 4 van de populaire Zweedse kinderserie 'Detectivebureau Lars & Maja'. "Wie één boek over Lars en Maja heeft gelezen, kan bijna niet wachten op het volgende verhaal", schrijft een van de lezertjes op de website www.larsenmaja.nl. En talloze ouders die voor hun kinderen op zoek zijn naar spannende, maar voor deze leeftijd geschikte verhalen, vinden hier wat ze zoeken: spannend, maar niet griezelig! Op Zweedse scholen worden de verhalen van Lars en Maja bij het leesonderwijs gebruikt. Alle verhalen over Lars en Maja spelen zich af in en rond het kleine plaatsje Waaldorp, waar de meeste mensen elkaar kennen en de kerk midden in het dorp staat.De hoofdpersonen, Lars en Maja, zijn klasgenootjes, die samen een klein detectivebureau hebben. De Zweedse kinderjury - waarbij kinderen jaarlijks het beste kinderboek kiezen - gaven al twee keer boeken uit de serie Lars & Maja' de eerste prijs. Het tijdschrift JURY bekroonde de reeks met de 'Gouden Speurhond', de hoogste onderscheiding voor het spannendste kinderboek in deze leeftijdscategorie (vanaf 7 jaar). In Zweden staat de serie over Lars & Maja al jaren in de toptien van favoriete kinderboeken.Luister-cd De serie over Lars en Maja, die in zestien talen is vertaald, is in de Nederlandse editie voorzien van een voorlees-cd.
Gewoon Klaartje Boon is een dubbeldik boek met twee avontuurlijke verhalen over de stoere en grappige Klaartje Boon.In Helemaal gewoon Klaartje Boon zet Klaartje alles op alles om de boekenwedstrijd op school te winnen. De felbegeerde beker mag niet in handen komen van Brigitte Bakker! Klaartje leest voor de wedstrijd het boek Leve Kat Kattenburg! over een meisje dat geheimagent is en mysteries oplost. Klaartje moet laten zien wat ze van haar boek heeft geleerd. Ze piekert zich suf hoe ze dat moet aanpakken, tot de beker ineens uit de klas gestolen wordt. Dat mysterie vraagt om een slimme oplossing van detective Klaartje Boon! In spelt p . r . o . b . l . e . m . e . n wil Klaartje graag beroemd worden en op tv komen. Ze hoopt dat ze ontdekt wordt tijdens de opvoering van het toneelstuk op school. Zo ontkomt ze ook mooi aan de verschrikkelijke spelwedstrijd. Klaartje is niet goed in spellen en een slechte speller rolt gemakkelijk van het ene probleem in het andere.
Inmiddels zitten de eerste drie maanden van het leesonderwijs er al op. Uw kind kan daarom al heel wat woordjes en zinnetjes zelfstandig lezen. Met dit leuke en educatieve Maan Roos Vis speel-leesboek kan uw kind thuis spelenderwijs aan de slag met h...
Mini Loco betekent urenlang speelplezier. Kinderen vanaf 4 jaar kunnen al zelfstandig met de Mini Loco doos en de boekjes werken.Het allerleukste leerspelMet dit unieke spelsysteem kunnen kinderen zelf controleren of ze de opdrachten goed hebben gemaakt. Zo ontwikkelen ze zich spelenderwijs. Mini Loco is het meest leerspel op de basisschool.Veel plezierNog veel meer boekjesEr zijn nog veel meer bowekjes voor groep 12Ontwikkeling 2 boekjesOrintatie 2 boekjesTaalspelletjes 3 boekjesRekenspelletjes 4 boekjesKikker 2 boekjesNijntje 4 boekjesSesamstraat 4 boekjesOok zijn er boekjes voor groep 34. Ze zijn allemaal te gebruiken bij de basisdoos van Mini Loco.Taalspelletjes boekjesTaalspelletjes 1 Mijn letters 45 jaar groep 1Taalspelletjes 2 Mijn letters 45 jaar groep 2Taalspelletjes 3 Ik leer lezen 56 jaar groep 23Taalspelletjes 4 Ik leer lezen 56 jaar groep 3Een speel en leerzaam begin van lezen. Uw kind spelt diverse oefeningen met letters en woorden. Een prima voorbereiding op het leesonderwijs in de basisschool.
Inmiddels zitten de eerste drie maanden van het leesonderwijs er weer op, en is het tijd voor net iets moeilijkers. Hierdoor kan uw kind al heel wat woordjes en zinnetjes zelfstandig lezen. Met dit leuke speel- en leesboek kan uw kind thuis spelender...
Jubelientje en oma hebben veel plezier. Als ze naar de garage moeten. Als ze allebei het laatste dropje op willen eten. Als er jonge hondjes worden geboren… De puppy’s zijn zo lief! Jubelientje wil ze allemaal houden.In Jubelientje en het laatste dropje zijn opgenomen Jubelientje en haar liefste oma (Vlag en Wimpel van de Griffeljury), Jubelientje weet de weg en Jubelientje krijgt jonkies (Getipt door de Kinderjury). Het bevat 46 verhalen - 5 stripverhalen - 1 liedje - en een heleboel brieven. Om voor te lezen of om zelf te lezen na ongeveer één jaar leesonderwijs.
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken, is Leren lezen met Carry Slee ontwikkeld. De serie is gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. In deze omnibus zijn drie boeken over de grappige Pien, de ondeugende Noer en de fantasierijke Tim gebundeld: Boom is boos, Dief is lief, en Pak de kip.
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken heeft Debora Zachariasse drie boekjes geschreven. De drie boekjes zijn gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. Big, Slim en Knor zijn drie gezellige vrienden, die in het bos spannende avonturen meemaken. De drie boeken zijn op AVI M3-niveau en hebben prachtige, kleurrijke illustraties van Alice Hoogstad.
Lezen is leuk en leren lezen is eigenlijk nog leuker. De teksten en tekeningen in deze boeken zullen de kinderen ongetwijfeld aanspreken. Deze serie sluit aan bij het moderne leesonderwijs en is getest op verschillende basisscholen.
Jubelientje kan al drie woorden schrijven: KUS, OPA en IK.Maar haar eigen naam, dat lukt nog niet. Daar helpt oma haar mee.Samen spelen ze met letters en woorden. En Jubelientje ontdekt dat er in de letters van KUS-IK-OPA een KIP woont.Ideaal voor alle kinderen die net leren lezen: samen met Jubelientje kunnen zij het geheim van letters en woorden ontraadselen. Na ongeveer één jaar leesonderwijs kunnen ze de verhalen zelf lezen.
In 1894 verscheen het eerste officiële leesplankje RAAM-ROOS-NEEF bij de firma Brinkgreve te Deventer. Dit plankje had twee rijen met in totaal vijftien plaatjes, waaronder de woordjes waren vermeld. De afbeelding bij het woord gat was een echt gat dat in het plankje was geboord in het midden van de bovenste rij.De belangstelling voor het leesplankje, vooral het AAP-NOOT-MIES (getekend door Cornelis Jetses) is vanaf het begin groot geweest. Pas omstreeks 1970 kwam een einde aan het officiële gebruik van leesplankjes in het leesonderwijs.In dit boek wordt u meegenomen op een zwerftocht door de geschiedenis van meer dan twintig leesplankjes. Leren lezen tussen Groningen en Kaapstad!
Dit deel beschrijft hoe leerkrachten van groep 4 tot en met 8 het voortgezet technisch leesonderwijs op effectieve wijze kunnen vormgeven. Wat zijn de kenmerken en hoe kunnen leerkrachten omgaan met de verschillen tussen leerlingen? De auteurs baseren zich op wetenschappelijk onderzoek en geven tips hoe dit om te zetten naar de praktijk.
Mini Loco is het meest gebruikte leerspel op de basisschool. Kinderen kunnen zelfstandig de opdrachten maken en controleren.Het allerleukste leerspelDit Mini Loco boekje bevat afwisselende oefeningen voor kinderen die net leren lezen.Het niveau sluit aan bij het leesonderwijs in het begin van groep 3 (ongeveer tot de herfstvakantie).Boekjes Taal/Lezen voor groep 3Taal/Lezen 3-1Taal/Lezen 3-2Deze boekjes zijn te gebruiken bij de Mini Loco basisdoos.Veel plezier!Er zijn nog veel meer Mini Loco boekjes
Gewoon Klaartje Boon is een dubbeldik boek met twee avontuurlijke verhalen over de stoere en grappige Klaartje Boon.In Helemaal gewoon Klaartje Boon zet Klaartje alles op alles om de boekenwedstrijd op school te winnen. De felbegeerde beker mag niet in handen komen van Brigitte Bakker! Klaartje leest voor de wedstrijd het boek Leve Kat Kattenburg! over een meisje dat geheimagent is en mysteries oplost. Klaartje moet laten zien wat ze van haar boek heeft geleerd. Ze piekert zich suf hoe ze dat moet aanpakken, tot de beker ineens uit de klas gestolen wordt. Dat mysterie vraagt om een slimme oplossing van detective Klaartje Boon! In spelt p . r . o . b . l . e . m . e . n wil Klaartje graag beroemd worden en op tv komen. Ze hoopt dat ze ontdekt wordt tijdens de opvoering van het toneelstuk op school. Zo ontkomt ze ook mooi aan de verschrikkelijke spelwedstrijd. Klaartje is niet goed in spellen en een slechte speller rolt gemakkelijk van het ene probleem in het andere.
Kinderen zijn voortdurend bezig met hun taalontwikkeling, binnen en buiten de school. Ze spreken en luisteren, schrijven en lezen en ze denken en praten over hun eigen taalgebruik en dat van anderen. Hoe leren kinderen taal en hoe geeft een leraar in het primair onderwijs daar richting aan?In Portaal - Praktische taaldidactiek voor het primair onderwijs komen alle aspecten van het taalonderwijs in het primair onderwijs aan de orde. De onderwerpen en de didactiek sluiten aan bij de kennisbasis. In de tien hoofdstukken komen achtereenvolgens aan de orde: taal en taalonderwijs, taalverwerving, onderwijs in mondelinge taalvaardigheden, woordenschatonderwijs, leesonderwijs, schrijfonderwijs, taalbeschouwingsonderwijs, onderwijs in jeugdliteratuur, meertaligheid en Nederlands als tweede taal en ten slotte taalbeleid.Bij het boek hoort een website met uitgebreid studiemateriaal, met onder andere vragen en opdrachten.Portaal is in de eerste plaats geschr
Het is van belang dat leerlingen in het leesonderwijs een doorgaande lijn volgen. Dit naslagwerkje biedt basisscholen ondersteuning bij het realiseren van een doorgaande leeslijn voor leerlingen van 3 tot 13 jaar.Per leeftjidsgroep – peuters, kleuters, groep 3, groep 4-6 en groep 7-8 wordt aandacht besteed ann leergebieden, doelen, materialen, toetsinstrumenten en aan de aanpak van risicoleerlingen. Daarnaast is er aandacht voor twee cruciale momenten in de leeslijn; de overgang van groep 2 naar groep en van groep 3 naar groep 4.
De serie Ik lees! is bestemd voor kinderen die leren lezen. De serie sluit aan bij het leeronderwijs op school. Dit is boekje 6 uit de serie. Het is geschreven op AVI 3 niveau. Kinderen kunnen het lezen na ongeveer 9 maanden leesonderwijs. Lo wil een nacht bij oma gaan slapen. Dat vindt mama niet zo'n goed idee. Lo heeft astma. Hij kan niet tegen stofmijt. Toch gaat hij er naar toe. Zullen de siroop en de puffer hem helpen?
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken heeft Debora Zachariasse drie boekjes geschreven. De drie boekjes zijn gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. Big, Slim en Knor zijn drie gezellige vrienden, die in het bos spannende avonturen meemaken. De drie boeken zijn op AVI M3-niveau en hebben prachtige, kleurrijke illustraties van Alice Hoogstad.
Deze publicatie beschrijft hoe leerkrachten van groep 1 en 2 ervoor kunnen zorgen dat alle kleuters een goede leesstart maken en goed toegerust beginnen aan het aanvankelijk technisch lezen in groep 3Dit boekje is het tweede deel van de serie ‘Doorgaande leeslijk 3-13 jarigen’, uitgegeven door CPS. Deze reeks ondersteunt basisscholen bij het realiseren van een doorgaande lijn in het taal/leesonderwijd. Dat is van groot belang, omdat een goede leesvaardigheid de basis is van een succesvolle schoolloopbaan en van het welbevinden in de maatschappij. De serie ‘Doorgaande leeslijn 3-13 jarigen’ besteedt aandacht aan kenmerken van effectief taal/leesonderwijs in de verschillende groepen. Naast het overzichtsboekje Basisstructuur Doorgaande leeslijn bestaat de serie uit delen die ingaan op de verschillende aspecten van taal/lezen, zoals Een Goede Leesstart, Aanvankelijk Technisch Lezen, Voortgezet Technisch Lezen en Begrijpelijk Lezen.Drs. Lidy Ahlers is als specialist op het gebied
Al 25 jaar een baken in het leesonderwijsDit boek beschrijft een procedure voor individueel didactisch onderzoek bij leerlingen met problemen bij technisch lezen. Het gaat dan om leerlingen in het basisonderwijs, het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs. Al sinds 1986 - het jaar waarin de eerste druk verscheen - is dit boek een begrip onder leerkrachten, remedial teachers en interne begeleiders. Sinds de vorige druk hanteert DTLAS (een veel gebruikte afkorting van het boek) de termen referentieniveau en leerstandaarden om de positie van zwakke lezers op het onderwijscontinuüm te verduidelijken. De manier van werken wordt geïllustreerd met vijf gevalsbeschrijvingen: Maartje, Karel, Tonny, Lisa en Fred. Elk voorbeeld laat zien hoe de toetsinformatie kan worden geïnterpreteerd en vertaald naar een plan van aanpak.Deze negende, geactualiseerde druk, maakt gebruik van de nieuwe, gecorrigeerde CITO-normering van de Drie-Minuten-Toets en van de nieu
Jubelientje en oma hebben veel plezier. Als ze naar de garage moeten. Als ze allebei het laatste dropje op willen eten. Als er jonge hondjes worden geboren… De puppy’s zijn zo lief! Jubelientje wil ze allemaal houden.In Jubelientje en het laatste dropje zijn opgenomen Jubelientje en haar liefste oma (Vlag en Wimpel van de Griffeljury), Jubelientje weet de weg en Jubelientje krijgt jonkies (Getipt door de Kinderjury). Het bevat 46 verhalen - 5 stripverhalen - 1 liedje - en een heleboel brieven. Om voor te lezen of om zelf te lezen na ongeveer één jaar leesonderwijs.
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken, is Leren lezen met Carry Slee ontwikkeld. De serie is gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. In deze omnibus zijn drie boeken over de grappige Pien, de ondeugende Noer en de fantasierijke Tim gebundeld: Boom is boos, Dief is lief, en Pak de kip.
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken heeft Debora Zachariasse drie boekjes geschreven. De drie boekjes zijn gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. Big, Slim en Knor zijn drie gezellige vrienden, die in het bos spannende avonturen meemaken. De drie boeken zijn op AVI M3-niveau en hebben prachtige, kleurrijke illustraties van Alice Hoogstad.
Het is een fundamentele verantwoordelijkheid van elke basisschool dat alle kinderen de school na groep 8 als goede le-zers verlaten, zeker in de 'kenniseconomie' van de 21e eeuw. Het is daarom zorgelijk dat zo'n 25% van de kinderen aan het eind van groep 8 geen goede lezer is. In dit boek stelt Dr. K.Vernooy dat scholen dat percentage kunnen verlagen tot 5% als zij evidence-based leesonderwijs realiseren. Dat wil zeggen dat scholen werken volgens methoden waar-van wetenschappelijk onderzoek heeft bewezen dat deze effectief zijn. Op basis van onderzoeksresultaten ontkracht Vernooy in dit boek een aantal veel voorkomende misvat-tingen en mythen over leren lezen, maar geeft hij vooral aan hoe scholen leesproblemen bij risicokinderen kunnen voorkomen en de leesresultaten van zwakke lezers kunnen verbeteren. Het wordt duidelijk dat de deskundigheid van de leerkracht hierbij van cruciale betekenis is.Dr. Kees Vernooy is als specialist op onder andere het gebied van taal/leesonder-wijs v
Leren lezen is heel veel oefenen. Voor enthousiaste jonge lezers, maar ook voor kinderen die de extra oefening goed kunnen gebruiken heeft Debora Zachariasse drie boekjes geschreven. De drie boekjes zijn gebaseerd op het bekende AVI-systeem dat gebruikt wordt in het leesonderwijs. Big, Slim en Knor zijn drie gezellige vrienden, die in het bos spannende avonturen meemaken. De drie boeken zijn op AVI M3-niveau en hebben prachtige, kleurrijke illustraties van Alice Hoogstad.
Lezen is leuk en leren lezen is eigenlijk nog leuker. De teksten en tekeningen in deze boeken zullen de kinderen ongetwijfeld aanspreken. Deze serie sluit aan bij het moderne leesonderwijs en is getest op verschillende basisscholen.
Jubelientje kan al drie woorden schrijven: KUS, OPA en IK.Maar haar eigen naam, dat lukt nog niet. Daar helpt oma haar mee.Samen spelen ze met letters en woorden. En Jubelientje ontdekt dat er in de letters van KUS-IK-OPA een KIP woont.Ideaal voor alle kinderen die net leren lezen: samen met Jubelientje kunnen zij het geheim van letters en woorden ontraadselen. Na ongeveer één jaar leesonderwijs kunnen ze de verhalen zelf lezen.
In 1894 verscheen het eerste officiële leesplankje RAAM-ROOS-NEEF bij de firma Brinkgreve te Deventer. Dit plankje had twee rijen met in totaal vijftien plaatjes, waaronder de woordjes waren vermeld. De afbeelding bij het woord gat was een echt gat dat in het plankje was geboord in het midden van de bovenste rij.De belangstelling voor het leesplankje, vooral het AAP-NOOT-MIES (getekend door Cornelis Jetses) is vanaf het begin groot geweest. Pas omstreeks 1970 kwam een einde aan het officiële gebruik van leesplankjes in het leesonderwijs.In dit boek wordt u meegenomen op een zwerftocht door de geschiedenis van meer dan twintig leesplankjes. Leren lezen tussen Groningen en Kaapstad!
Al 25 jaar een baken in het leesonderwijsDit boek beschrijft een procedure voor individueel didactisch onderzoek bij leerlingen met problemen bij technisch lezen. Het gaat dan om leerlingen in het basisonderwijs, het speciaal basisonderwijs en het speciaal onderwijs. Al sinds 1986 - het jaar waarin de eerste druk verscheen - is dit boek een begrip onder leerkrachten, remedial teachers en interne begeleiders. Sinds de vorige druk hanteert DTLAS (een veel gebruikte afkorting van het boek) de termen referentieniveau en leerstandaarden om de positie van zwakke lezers op het onderwijscontinuüm te verduidelijken. De manier van werken wordt geïllustreerd met vijf gevalsbeschrijvingen: Maartje, Karel, Tonny, Lisa en Fred. Elk voorbeeld laat zien hoe de toetsinformatie kan worden geïnterpreteerd en vertaald naar een plan van aanpak.Deze negende, geactualiseerde druk, maakt gebruik van de nieuwe, gecorrigeerde CITO-normering van de Drie-Minuten-Toets en van de nieu
een uniek boek voor eerste lezers over de verkenning van het eigen lichaam, voor 6-7 jaar.dit boek vertelt op avi 1-niveau hoe het menselijke lichaam in elkaar steekt. het menselijke lichaam is als een puzzel en elk stukje is belangrijk. je zintuigen en je ledematen beïnvloeden alles wat je doet en voelt. je neus vertelt wat vies is en wat lekker. je ogen vertellen wat mooi is en wat lelijk. je huid vertelt je of je ziek bent of gezond, en de manier waarop je mensen aanraakt en zij jou vertelt over blij zijn en houden van. bij elk lichaamsdeel staat een raadsel over het kledingstuk dat erbij hoort. te lezen na drie maanden leesonderwijs.de tekst is van riet wille, de illustraties zijn van marjolein pottie.
lo en de beestjes, elisabeth marain en egbert koopmansde serie 'ik lees!' is bestemd voor kinderen die leren lezen. de serie sluit aan bij het leeronderwijs op school. dit is boekje 6 uit de serie. het is geschreven op avi 3 niveau. kinderen kunnen het lezen na ongeveer 9 maanden leesonderwijs.lo wil een nacht bij oma gaan slapen.dat vindt mama niet zo'n goed idee.lo heeft astma.hij kan niet tegen stofmijt.toch gaat hij er naar toe.zullen de siroop en de puffer hem helpen?