"Boeken maken in de klas is een nieuw boek in de reeks Ontwikkelingsgericht Onderwijs. Het sluit aan bij de methodische handboeken rond Basisontwikkeling in de onderbouw en wil daarnaast een verbinding tot stand brengen met ontwikkelingsgerichte praktijken in de midden- en bovenbouw.In Boeken maken in de klas worden voorbeelden gegeven van ontwikkelingsgerichte aanpakken. Het gaat om boeken maken met de groep. De voorbeelden komen uit de onder-, midden- en bovenbouw. Op nogal wat ontwikkelingsgerichte scholen wordt gezocht naar activiteiten waarmee het vervolg op Basisontwikkeling gestalte kan krijgen. Het maken van boeken blijkt zich daarvoor uitstekend te lenen.Boeken maken geeft heel veel mogelijkheden om één van de belangrijkste aspecten van het concept te leren kennen, namelijk dat kinderen het best leren en zich ontwikkelen als ze deelnemer zijn aan betekenisvolle sociaal-culturele activiteiten. Boeken maken is zo’n activiteit waarin kinderen niet alleen allerlei belangrijke culturele vaardigheden ontwikkelen en kennis op doen maar tevens op persoonlijk, eigen wijze lezer, schrijver en vormgever worden. Boeken maken blijkt voor veel oudere kinderen in de basisschool een uitermate inspirerende activiteit te zijn."
Andy Norris, de nieuwe muziekleraar op een als zeer slecht bekend staande middelbare school, krijgt te maken met een klas vol tuig die niets liever doet dan de leraren het leven...
"Boeken maken in de klas is een nieuw boek in de reeks Ontwikkelingsgericht Onderwijs. Het sluit aan bij de methodische handboeken rond Basisontwikkeling in de onderbouw en wil daarnaast een verbinding tot stand brengen met ontwikkelingsgerichte praktijken in de midden- en bovenbouw.In Boeken maken in de klas worden voorbeelden gegeven van ontwikkelingsgerichte aanpakken. Het gaat om boeken maken met de groep. De voorbeelden komen uit de onder-, midden- en bovenbouw. Op nogal wat ontwi
Effectief leren geeft zowel beginnende als ervaren docenten ideeÙn voor de onderwijspraktijk en om het leren van leerlingen te stimuleren. De basisaanpak vormt de directe instructie, ofwel effectieve instructie. Dit zorgt voor een duidelijke structuur in de les, directe feedback aan leerlingen en een ontspannen sfeer. Hiervoor geeft het boek een groot aantal praktische adviezen.Vervolgens bespreekt het boek drie benaderingen van activerend leren, waarbij de docent nog centraal blijft staan: stellen van vragen, een begin maken met samenwerkend leren in de les en aandacht voor meervoudige intelligentie. Activerend leren zorgt dat nieuwe kennis beter aansluit bij voorkennis van leerlingen. Hierdoor beklijft de kennis beter en neemt het zelfvertrouwen toe. Het slothoofdstuk gaat in op het pedagogisch klimaat in de klas, waarbij alternatieven worden aangereikt voor het straf- en beloningssysteem. Van alle benaderingen worden in de achtergrondhoofdstukken de sterke en zwakke punten, achtergrondtheorieÙn, onderzoeksresultaten en meningen van docenten besproken.Effectief leren in de les vormt samen met Samenwerkend leren en Actief leren een drieluik. De delen zijn samen of los te gebruiken. Ze zijn geschreven door Sebo Ebbens en Simon Ettekoven, sinds 1990 actief als nascholers van docenten van primair tot universitair onderwijs. De lespraktijk in de boeken stoelt op hun ervaringen en die van een (zeer) groot aantal docenten.
Relatie als de sleutel? laat een licht schijnen in de ‘black box’ van de residentiële jeugdzorg. Daarbij wordt er gekeken naar een belangrijke werkzame factor in de hulpverlening, namelijk de relatie tussen hulpverlener en cliënt. Een goede relatie kan gezien worden als een verbond tot samenwerking, waarbij cliënt en hulpverlener in consensus werken aan de doelen van de hulpverlening. In de residentiële jeugdzorg wordt deze relatie vaak vormgegeven door medewerkers op de leefgroep en in de klas.De auteurs bespreken uitkomsten van praktijkgericht onderzoek naar de relatie tussen jeugdigen, groepsleiders en docenten in een gesloten residentiële jeugdzorg instelling. Ze besteden daarbij aandacht aan de affectieve binding en ervaren veiligheid in de relatie en de kwaliteit van de bejegening van jeugdigen door groepsleiders en docenten. Op basis van de bevindingen noemen zij diverse aandachtspunten voor zowel onderzoek als praktijk, waarmee de kwaliteit van de residentiële jeugdzorg kan worden verbeterd.Vanessa Daniel en Annemiek Harder hopen met Relatie als de sleutel? zowel professionals binnen de (residentiële) jeugdzorg, onderzoekers als beleidsmakers bewust te maken van de therapeutische relatie binnen de residentiële jeugdzorg, en de belangrijke rol die groepsleiders en docenten als primaire verzorgers daarin hebben. Zij zijn namelijk diegenen die de therapeutische relatie kunnen vormgeven als een belangrijke sleutel tot succes.
Docenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de ge editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor geode leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntowoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Taalmethodes bieden vaak kant-en-klare lessen waarmee docenten efficiënt en verantwoord aan de leerdoelen kunnen werken. Maar daarnaast blijven docenten behoefte hebben aan werkvormen die ze in kunnen zetten om te reageren op wat er in de klas gebeurt. Hoe laat je die woordenlijst nog een keer de revue passeren? Hoe kun je een ingeslapen klas voor het resterende half uur weer oppeppen? Hoe zet je je leerlingen of cursisten wat actiever aan het werk met die leesopdracht? In Actief met taal bieden de auteurs ruim zestig verschillende werkvormen aan die als inspiratiebron voor de (aspirant-)taaldocent kunnen dienen. De werkvormen zijn gerubriceerd en voorzien van labels die de vaardigheid, het taalniveau en de groeperingsvorm aanduiden, zodat een geschikte werkvorm gemakkelijk te vinden is. Ook worden variatiemogelijkheden en didactische tips gegeven. Met Actief met taal kan iedere taaldocent – beginnend of ervaren en in welke moderne taal dan ook – zijn vakmanschap een nieuwe impuls geven om het onderwijs leuker, dynamischer en efficiënter te maken. Dieuwke de Coole is onderwijskundige en NT2-docent. Ze is verbonden aan de pabo van Hogeschool Domstad in Utrecht en werkte voorheen aan de Universiteit van Maastricht, Hogeschool INHolland in Amsterdam, aan een ROC en aan een basisschool. Anja Valk is onderwijskundige, taalwetenschapper en NT2- docent. Zij werkte aan verschillende ROC’s en pabo’s en is nu verbonden aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Op de voorkant van dit boek zie je leerlingen uit klas 3C. Hun belevenissen zijn het begin van jouw lessen maatschappijleer. Want zij maken van alles mee. Vervelende dingen als ruzie, agressie en discriminatie. Maar ook positieve dingen als stage, samenwerking en zelfs een demonstratie! Eigenlijk alles wat er in de maatschappij nou eenmaal gebeurt. Dit boek heet niet voor niets Team. In een team werken mensen samen. Je klas, het gezin waarin je opgroeit, de vereniging waar je lid van bent en het bedrijf waar je bijverdient: je bent altijd lid van een team. Ook alle mensen in Nederland kun je zien als een groot team. Ieder team heeft zo zijn eigen regels en manieren om samen te werken. Dit boek gaat over die regels en de manieren om goed samen te werken en samen te leven.
"'Omgevingsonderwijs' - het leren in, van en over je eigen leefomgeving - is een in veel opzichten aantrekkelijke vorm van onderwijs. Het biedt volop mogelijkheden voor onderzoekend, producerend en authentiek leren. Het motiveert: erop uit met je leerlingen, de polder in, de wijk door, het museum in, dat doorbreekt de routine van het dagelijkse schoolwerk en kan het saamhorigheidsgevoel in de klas versterken.Het ontwerpen van omgevingsonderwijs is een enorme opgave. 'Omgevingsonderwijs, van project naar praktijk' helpt scholen en culturele instellingen bij het (samen) opzetten en uitvoeren van omgevingsonderwijs. Aan de hand van tal van praktijkvoorbeelden geeft het antwoord op vragen als: hoe plooi je buitenschoolse onderzoeksopdrachten in het rooster? Wat is nodig aan voorbereiding in de klas? Hoe maak je groepsopdrachten waar álle leerlingen echt aan bijdragen? Hoe beoordeel je zulke opdrachten? Waar kun je subsidie voor je project aanvragen? Hoe zet je een project om in iets blijvends? Steeds wordt geprobeerd de zaak te benaderen vanuit het perspectief van de school én dat van culturele instellingen, groot en klein.'Omgevingsonderwijs, van project naar praktijk' is de neerslag van jarenlange ervaringen met omgevingsonderwijs in het Proefproject Omgevingsonderwijs Noord-Holland. Het bevat voorbeelden van geslaagde opdrachten en projecten, maar wijst ook op valkuilen – want die zijn talrijk.De auteurs delen een jarenlange ervaring in het samen met scholen en culturele instellingen maken van omgevingsonderwijs. Marcel van Riessen is werkzaam op de lerarenopleiding van de Universiteit van Amsterdam, zijn voormalige collega Idzard van Manen werkt bij het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen. "
Wiskunde 1AvwoLeerboekDocenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de ge editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Jongeren groeien op in een multimediale leefwereld die aast op aandacht. Ieder ogenblik valt er van alles te beleven. Tot rust komen hoort er niet meer bij. Het is een leefwereld van ‘fast learning’: zich heel snel inle- ven in probleemsituaties om er zich met kwinkslagen uit te redden. Leren als in een game: snel, wendbaar en vluchtig. En zonder veel diepgang want heel wat jonge- ren blijven alsmaar zoeken naar teasers. Het gebeuren in de klas ervaren zij als saai, traag en voorspelbaar. Toch zijn deze jongeren ook op zoek naar vaste grond en willen ze zich een identiteit aanmeten. Dat gaat ge- paard met keuzes maken en kleur bekennen, maar daartoe willen zij volop proeven van de wereld en de eigen mogelijkheden. Vandaar hun gretigheid: ze zijn uit op exploreren en ontdekken, ze willen alles zelf mee- maken en ervaren. Ze zijn onstuimig en ongeremd in wat ze allemaal ondernemen: ze gaan ervoor, ook al is het maar voor heel even.Hoe kunnen we in onderwijs inzetten op deze veelzij- dige bevlogenheid van jongeren en hen kansen toe- spelen om op verhaal te komen? ‘Slow teaching’ staat voor een didactische aanpak die kennis verwerven en identiteitsontwikkeling dichter bij elkaar brengt. Aan- knopend bij de ambities van jongeren doen we een stevig appel op hun onderzoekshouding en zin tot doorgronden. We zetten in op Open Exploreren en sturen via verkennen, ontdekken en verbinden aan op verhelderen, afbakenen en verdiepen. Een aanpak die tijd en ruimte vergt: we vertragen om het vitale in ieder leren naar boven te halen.DIRK GOMBEIR is stafmedewerker onderwijsvernieuwing aan de Katholieke Hogeschool Brugge- Oostende (KHBO).LUK BOSMAN is stafmedewerker aan het Centrum Nascholing Onderwijs (CNO) van de Universiteit Antwerpen.Reeks: Vitaal Leren in Eigentijds Onderwijs
Iedere docent droomt van een ideale relatie met de klas, met ouders en collega’s. Leerlingen die doen wat je vraagt, ouders die respect voor je hebben, collega’s die hun verantwoordelijkheden oppakken. Maar hoe maak je deze droom werkelijkheid?Contact maken op school beschrijft wat je kunt doen om de aandacht van leerlingen vast te houden, om leerlingen te motiveren, om oudergesprekken in goede banen te leiden en om de samenwerking met collega’s effectief te laten verlopen.Tom Boves en Marijke van Dijk bundelden in dit boek de kracht van effectief verbaal én non-verbaal gedrag. Het boek werd ontwikkeld vanuit de weerbarstige praktijk van het voortgezet onderwijs, voor docenten en mét docenten.Het boek is vlot geschreven. De realistische praktijkvoorbeelden en verhelderende interviews maken het uitermate bruikbaar voor aankomende docenten. Ook docenten met veel ervaring kunnen hier terecht voor nieuwe tips en inspiratie.Een praktisch boek voor iedereen die meer wil bereiken met minder moeite.Tom Boves en Marijke van Dijk zijn inhoudelijk experts en trainer op het vlak van (non)verbale communicatie. Samen met Susan Eggels vormen zij het centrum voor co-actieve communicatie en richten zij zich op het professionaliseren van de gespreksvoering binnen het onderwijs.
1983, het schoolplein van de John F. Kennedyschool te Alphen a/d Rijn.Daar stond ze, die gekke wildebras met haar rode haren. Ze zat een klas hoger dan ik. Tijdens de pauzes lette ik vaak stiekem op haar. Hoe ze met haar guitige gezicht het plein afstruinde om iemand te vinden voor wat gekkigheid of kattekwaad.Maar nu stond ze daar zo hulpeloos en alleen; ze was duidelijk op zoek naar iets anders... Nog nooit had ik iets tegen haar durven te zeggen, maar vandaag voelde ik voor het eerst in mijn leven iets, wat ik later kon omschrijven als medelijden. "We hebben jonge poesjes", zei ik.Je keek op, tranen liepen over haar wangen."Kom je straks met me mee naar huis?"Haar gezicht klaarde op...Haar moeder was weggelopen, vanwege het geloof of zoMet sinterklaas mocht ze alleen een clown maken,vanwege het geloof of zoMaar waarom ze uiteindelijk zelf clown werd,zal duidelijk worden tijdens het lezen van dit verhaal.Ik ben
Goede materialen zijn onontbeerlijk in de onderbouw. Het spel van de jongste kinderen is aan concrete voorwerpen en materialen gebonden. Zij hebben dan ook veel behoefte aan materialen om mee te manipuleren en te experimenteren, zand en water bijvoorbeeld, en beeldende materialen (zoals papier en kosteloos materiaal). Om de spelontwikkeling verder te stimuleren zijn materialen nodig voor rollenspel, voor de verteltafel en de verhalen-tafel, voor bouw- en constructie-activiteiten. Daarnaast zijn er diverse speelleermaterialen (lotto’s, puzzels, memory). De leermiddelenhandel heeft ze in overvloed, maar welke zijn nuttig en interessant genoeg? Sommige materialen kun je ook of beter zelf maken, samen met de kinderen. Om kinderen te betrekken in de wereld van de geschreven en gedrukte taal en in reken-wiskundeactiviteiten zijn goede materialen absoluut noodzakelijk: materialen voor de hoeken, (prenten)boeken, materialen om teksten en boeken te maken, om te schatten, te meten, te tellen en te schematiseren. Ook ict neemt in de onderbouw een belangrijke plaats in; de computer, de scanner en digitale camera worden regelmatig ingezet. Talrijke educatieve computerprogramma’s worden aanbevolen, maar welke zijn echt de moeite waard? Al deze materialen worden in 'Het materialenboek' besproken. Leerkrachten vinden er een toelichting op de kenmerken en mogelijkheden van de materialen en aandachtspunten voor een kritische beoordeling en selectie. Aanbevelingen voor een verantwoord materiaal-aanbod en voor de verbinding aan kernactiviteiten voor de onderbouw zijn in de verschillende hoofdstukken opgenomen. Er worden niet alleen voorstellen gedaan voor de inrichting van een rijke leeromgeving in de klas; ook het buitenspel krijgt de aandacht. Hoe ziet de speelleeromgeving buiten er uit? Welke materialen kunnen daar ingezet worden om spelen en leren mogelijk te maken? Barbara Nellestijn is onderwijspedagoog. Ze is, naast groepsleerkracht in het basisonderwijs, werkzaam als nascholer en onderwijsontwik
BASISDOCUMENT BEWEGINGSONDERWIJS VOOR DE ONDERBOUW VAN HET VOORTGEZET ONDERWIJSWelke kwaliteit striven we als vakwereld na binnen bewegingsonderwijs – of zoals het vanaf nu heet: Bewegen en sport-in de onderbouw van het voortgezet onderwijs? Een actuele vraag nu regelgeving voor die onderbouw meer ruimte aan de scholen laat en er een toenemende samenwerking met buitenschoolse partners aan het ontstaan is. Altijd wordt aan de vaksectie bewegingsonderwijs gevraagd kwaliteit te leveren. In dit Basisdocument Bewegingsonderwijs wordt stapsgewijs een antwoord gegeven op die vraag naar kwaliteit.Eerst geven we een visie op doel en functie van het bewegingsonderwijs in de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Het gaat erom leerlingen beter bekwaam te maken voor deelnme aan een in toenemende mate complexe en gedifferentieerde bewegingscultuur.Daarna schtsen we de contouren van een programma bewegingsonderwijs voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs in tweeëntwinting leer-of ontwikkellijnen. In elk daarvan staat een cluster activiteiten met een overeenkomstige (dewegings) uitdaging central. De leerlijnen zijn geordend naar de vier sleutels die leerlingen helpen toegang te krijgen tot de bewegingcuiltuur: bewegen beleven, bewegen verbeteren, bewegen regelen en gezond bewegen. Van elke leer-en ontwikkellijn geven we een globale omschrijving naar verschijningsvormen, centrale uitdaging voor leerlingen, fasering en de normale bandbreedte van ontwikkeling van leerlingen binnen die lijn.Daarna geven we van alle leerlijnen voorbeelden van kernactiviteiten die op groepsniveau voor die leerlijn aan het eind van klas één en aan het eind van klas drie haalbaar zouden moeten zijn. Tenslotte beschrijven we van elke kernactiviteit op vier verschillende niveus de wijze waaropleerlingen daaraan deel kunnen nemen, op een manier die docenten kan helpen beter te kijken naar (verschillen tussen)hun leerlingen.Met het basisdocument Bewegingondervijs voor de onderouw van het voortgezet onderwijs hopen we een a
Over het boek:In heel wat onderwijsvormen hebben leerkrachten te maken met kinderen die psychische en/of somatische problemen hebben. Het is niet altijd eenvoudig om te weten hoe met deze kinderen het beste wordt omgegaan, hoe ze het meeste kunnen worden ondersteund en geholpen.Praktische informatie is dan ook meer dan welkom. Dit boek bevat standaarden voor het werken in de onderwijspraktijk. Ze zijn een verzameling van handreikingen voor het werken in de praktijk met kinderen die ernstige problemen ondervinden. Ze zijn ook uit de praktijk ontstaan. Voor dezelfde problematiek is meestal eenzelfde basisrichtlijn voor het handelen in de klas te geven. Maar daarbij moeten per leerling aanpassingen gemaakt worden.Elk probleemgebied wordt op gelijke wijze beschreven. Eerst is er een casus, zodat de verschijningsvorm duidelijk is. Daarna volgt essentiële informatie, telkens in zeven rubrieken: beschrijving van de stoornis, verzamelen van gegevens, oorzaak en herkenning, didactische commentaren, pedagogische opmerkingen, training en therapie, tips voor thuis. Dan wordt de eigenlijke standaard gepresenteerd, in drie luiken: algemeen, didactisch, pedagogisch.Het resultaat van dit alles moet zijn dat de leerkracht beter kan omgaan met kinderen met een bepaalde stoornis. Zeker de leerkracht in het speciale/buitengewone onderwijs zal veel hebben aan dit boek. Maar ongetwijfeld zijn deze standaarden ook in hoge mate dienstbaar aan leerkrachten in het reguliere onderwijs met speciale onderwijszorg.Over de auteur(s):Drs. Marleen Haxe is als Gz-psycholoog verbonden aan de Ambelt-Herfte te Zwolle. Daarvoor was ze werkzaam in het ZMOK-onderwijs. Kitty Nijboer is groepsleerkracht in het vso (voortgezet secundair onderwijs) op de Ambelt-Herfte. Drs. Harrie Velderman heeft in het basisonderwijs gewerkt en later als groepsleerkracht en als onderwijskundige op de Ambelt-Herfte. Nu is hij als docent verbonden aan het Seminarium voor Orthopedagogiek in Utrecht.
Docenten over Moderne Wiskunde:De boeken zijn echt goed op niveau.'De differentiatie werkt uitstekend.'Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.'Nieuw in de 9e editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbrief
Filosofie geraakt meer en meer ingeburgerd in het onderwijs. Ook de uren vrije ruimte in het secundair onderwijs krijgen hier en daar een filosofische invulling. Jongeren stellen zich allerlei vragen en grijpen graag de kans om daar met leeftijdgenoten over te praten. Het is goed als de school deze kansen kan bieden. Daarom is er nood aan goed materiaal om mee te werken.In dit boek vind je 30 uitgewerkte filosofielessen. Iedere les vertrekt vanuit een citaat uit het prachtige boek van Toon Tellegen Brieven aan Doornroosje. In de brieven van P aan Doornroosje komen allerlei levensbeschouwelijke thema's aan bod. Onderweg naar Doornroosje stelt P zich, net als elke jongere en net als elke zoekende mens, heel wat vragen over het leven en de dood, over willen en kunnen, over het mogelijke en het onwakkermaakbare. Het citaat roept onmiddellijk een aantal filosofische vragen op waarmee je in de klas aan het werk kan.De leraar vindt bij ieder thema basisinformatie over hoe grote denkers hierover nagedacht hebben. Elk thema wordt afgesloten met een aantal creatieve verwerkingsopdrachten waar je als leraar een keuze uit kan maken, afhankelijk van de leeftijd en de interesse van jouw klasgroep.De lessen kunnen gebruikt worden voor een zeer ruime doelgroep. Zowel kinderen uit het 5de en 6de leerjaar, als jonge adolescenten uit de 3de graad van het secundair onderwijs zijn bezig met dezelfde vragen. De antwoorden die zij formuleren, de manier waarop zij hierover nadenken, zal natuurlijk sterk bepaald worden door hun leeftijd en levenservaring. Als leraar bepaal je dan ook zelf hoe ver je een bepaald thema uitwerkt, welke opdrachten jouw groep aankan.
In deze herwerkte editie wordt de menselijke communicatie uitgebreid en heel herkenbaar in kaart gebracht door het denk- en werkmodel van de communicatietheorie te illustreren met voorbeelden en gevalsbesprekingen uit het dagelijkse leven, uit boeken en films. Door de praktijkgerichte stijl inspireert de lectuur tot een methodische aanpak van communicatiestoornissen in zowel privé- als beroepsrelaties (omgaan met cliënten, patiënten, groepen, klas, collega’s). Want relaties lopen wel eens vierkant, zowel op persoonlijk als op professioneel vlak. Hoe communicatiestoornissen, irritaties, fricties of conflicten ontstaan en derhalve vermeden kunnen worden, wordt duidelijk bij het leren onderkennen van de beïnvloedingsprocessen die onbewust tussen mensen spelen. Vast zitten in machtsstrijd, vicieuze cirkels, goede bedoelingen zonder effect, territoriumconflicten: de auteur reikt concrete inzichten en technieken aan om deze courante relatieverstoorders om te buigen naar een meer constructieve communicatiestijl.De theorie is zorgvuldig en uitgebreid vertaald naar de realiteit van alledag. De vele beschreven situaties en de talrijke voorbeelden maken het boek vlot leesbaar en herkenbaar voor iedereen. Diverse oefeningen zorgen tenslotte voor een onmiddellijke toetsing aan de praktijk. Ook voor het onderwijs en de opleiding en bijscholing van hen die beroepshalve vakkundig met mensen willen omgaan, is dit handboek erg geschikt.
Docenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de 9e editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor geode leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Leerlingen kunnen op school problematisch gedrag vertonen. De school en vooral deleerkracht in de klas moet daar wat mee. Dit boek levert ideeën en praktische methoden aan om met situaties waarin mensen binnen het onderwijs meer dan eens vastlopen, om te gaan.Vaak hebben gedrags-of emotionele problemen van leerlingen te maken met gezinssituaties of persoonlijkheidsfactoren. Leerkrachten kunnen daar meestal echter niet veel aan doen. Maar ze moeten nu eenmaal wel uit de voeten kunnen met storend gedrag, of het veranderen, ongeacht wat de oorzaak ervan is. Dit boek houdt zich dan ook bezig met wat er meteen in de praktijk gedaan kan worden. De hier beschreven methoden zijn te gebruiken door leerkrachten in de klas, door begeleiders, in hulpverleningsgesprekken, bij het uitstippelen van schoolstrategieën enz. De aandacht wordt daarbij verlegd van problemen naar oplossingen. Omdat leerkrachten en andere medewerkers van een school vaak krap in hun tijd zitten, is de behoefte aan snelwerkende manieren om problemen het hoofd te bieden groot. Dit boek geeft precies een dergelijke manier van werken aan.Michael Durrant is psycholoog. Hij is directeur van het Brief Therapy Institure of Sydney, Australië, waar o.a. het project Strenghts in Schools onderdeel van is. Hij heeft op grote schaal trainingen verzorgd in Korte Therapie, in Australië, Nieuw-Zeeland, Noord-Amerika, Europa en Zuidoost Azië, Zijn aandachtsveld is het toepassen van ideeën uit de Oplossingsgerichte Korte Therapie op diverse gebieden, zoals residentiële behandeling en onderwijsgerelateerde situaties. Samen met Cheryl White heeft hij Ideas for Therapy with Sexual Abuse uitgegeven. Hij is tevens de auteur van Residential Treatment. A Cooperative, Competency-Based Approach to Therapy and Program Design.Eerder verscheen van Michael Durrant in het Nederlands:Oplossingsgericht werken met jongeren en hun gezin. Een creatieve benadering van de residentiële hulpverleningGarant, Antwerpen/Apeldoorn, 2006
Docenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de 9e editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toe-voeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Scholen streven doorgaans naar een open, veilige sfeer en naar een respectvolle omgang met leerlingen en ouders. Maar hoe geef je daar inhoud aan? ‘Contact maken’ vertaalt begrippen als openheid, respect en veiligheid naar concreet gedrag. Aan de hand van praktische do’s en don’ts leer je welk gedrag effectief is en past binnen een professionele schoolcultuur. Interviews en praktijkvoorbeelden bieden aankomende, maar ook ervaren docenten tips en inspiratie.• Wat is contact maken eigenlijk, en waarom is het belangrijk?• Hoe is jouw houding als docent van invloed op de kwaliteit van contact en pedagogische begeleiding?• Welke non-verbale uitingen helpen je het contact met leerlingen, ouders en collega’s op positieve wijze aan te gaan en te onderhouden?• En hoe houd je op respectvolle en open manier leerlingen zelf verantwoordelijk voor hun gedrag en prestaties?Al deze vragen komen aan bod in ‘Contact maken’. Je leert hoe je samen met leerlingen afspraken maakt over de gang van zaken in de klas en krijgt een praktische oplossing voor ‘motivatieproblemen’. Ook het contact met ouders en collega’s krijgt ruime aandacht.Werken met ‘Contact maken’, laat je zien hoe je eigen gedrag inwerkt op de mensen om je heen. Pas je de eenvoudige technieken van het boek toe, dan heb je niet alleen een beter contact met leerlingen, ouders en collega’s; je zult ‘s avonds met meer energie thuiskomen en meer bevrediging putten uit je werk. De technieken en vaardigheden van Contact maken passen binnen elke vorm van onderwijs en staan los van onderwijsvernieuwingen. Ze ondersteunen de pedagogische begeleiding in de klas en brengen een professionele communicatiecultuur in het onderwijs.Tom Boves en Marijke van Dijk zijn experts en trainers in (non-)verbale communicatie. Ze richten zich op het professionaliseren van de gespreksvoering binnen het onderwijs.
Op de voorkant van dit boek zie je leerlingen uit klas 3C. Hun belevenissen zijn het begin van jouw lessen maatschappijleer. Want zij maken van alles mee. Vervelende dingen als ruzie, agressie en discriminatie. Maar ook positieve dingen als stage, samenwerking en zelfs een demonstratie! Eigenlijk alles wat er in de maatschappij nou eenmaal gebeurt. Dit boek heet niet voor niets Team. In een team werken mensen samen. Je klas, het gezin waarin je opgroeit, de vereniging waar je lid van bent en het bedrijf waar je bijverdient: je bent altijd lid van een team. Ook alle mensen in Nederland kun je zien als een groot team. Ieder team heeft zo zijn eigen regels en manieren om samen te werken. Dit boek gaat over die regels en de manieren om goed samen te werken en samen te leven.
'Zolang je niet weet wanneer je sterfdatum is, kan je onmogelijk te vroeg aan een autobiografie beginnen.'Dit motto indachtig, schrijft de amper veertigjarige Vitalski over zijn jeugdjaren in de stille Kempen, zijn slangenmensenbestaan in Antwerpen en tenslotte over zijn streken als kleine vedette in BelgiÙ. Als schrijver, performer, flamboyant minnaar en gecontesteerd mediafiguur doorzwom Vitalski vele wateren: hij kreeg schrijflessen van JMH Berckmans en Gerard reve, zat in de klas met Wim Helsen en Tom Lenaerts en werkte nauw samen met Bent Van Looy, Mauro Pawlowski, Ben CrabbÚ en vele anderen. Daarom ontmaskert Vitalski zichzelf niet zonder tegelijk de kroniek van zijn ganse generatie op te maken.Het geheel van het autobiografische, de sfeerschets van een periode en het literaire talent van de schrijver maakt dit boek tot een boeiend en meeslepend geheel. Voor wie nooit iets van Vitalski gelezen heeft zal het een aangename kennismaking zijn, voor wie zijn eerdere werk kent, een verrassende openbaring.
Wat is taalontwikkelende interactie? Hoe stem je als leraar of begeleider het taalaanbod af op kinderen in de klas of in een groep? Hoe geef je feedback waardoor kinderen groeien in hun taalproductie? Hoe bied je ruimte om de taalontwikkeling van kinderen te stimuleren? Met Taalontwikkeling op school leert de leerkracht, onderwijsassistent of pedagogisch medewerker de taalontwikkeling van kinderen effectief te stimuleren in interactie, niet alleen tijdens de taallessen op school maar juist ook daarbuiten. In dit boek zijn de middelen om taalontwikkeling te bevorderen samengebracht tot een compleet en praktisch 'taalgroeipakket'. In de eerste hoofdstukken behandelen de auteurs het taalverwervingsproces en de succesfactoren daarin. Vervolgens bespreken zij drie belangrijke ‘taalgroeimiddelen’: taalaanbod, taalruimte en feedback. De hoofdstukken bevatten veel opdrachten om het betreffende taalgroeimiddel te leren toepassen in de praktijk. Ten slotte besteden de auteurs aandacht aan de manier waarop de taalgroeimiddelen in uiteenlopende interactiesituaties het beste tot hun recht kunnen komen. Taalontwikkeling op school is geschreven voor studenten van de pabo, hbo pedagogiek en opleidingen voor onderwijsassistent en pedagogisch medewerker, en voor professionals die met taalontwikkeling van kinderen te maken hebben.Marianne Verhallen en Ruud Walst hebben beiden een achtergrond als lerarenopleider en onderzoeker. Zij bieden nascholingstrajecten aan op het gebied van taalontwikkeling en taaldidactiek.
In dit boek leert de leerling omgaan met vaardigheden en krijgt hij zicht op zijn manier van leren. Er wordt gewerkt met alle vaardigheden uit het bijbehorende handboek.Deel 1 - De StartInleiding1. Kennismaken met dit boek2. Hallo, ik ben Jasper. Hoe heet jij?3. Mijn agenda4. Regels zijn regels, we hebben ze nodig5. Afspraken in de klas6. Voordat ik mijn werk ga doen: eerst een planning maken!7. Hoe houd ik mijn aandacht bij mijn werk?Even terugkijkenDeel 2 - Leren van alle vakken8. Wat is goed leren?9. Hoe zit informatie in mijn hoofd opgeslagen?10. Klaar voor de start!11. Hoe leer ik de betekenis van woorden?12. Hoe kan ik makkelijk woorden, namen en rijtjes onthouden?13. Hoe maak ik schema's?14. Hoe kan ik een tekst lezen en leren?Beginnen met een overzicht15. Hoe kan ik een tekst lezen en leren? Het overzicht invullen16. Hoe overhoor ik mezelf?17. Wat kan een proefwerk mij nog vertellen?Deel 3 - Over mezelf en mijn klasgenoten18. Ook weleens zenuwachtig?19. Oefenen in luisteren20. Hoe kan ik het zeggen?21. Ruzie voorkomen22. Commentaar geven23. Commentaar krijgen24. Ruzie oplossen25. Anders zijn, dat mag toch? Groepen26. Anders zijn, dat mag toch? Accepteren27. Pesten, dat doen wij niet28. Hoe gaat het?Even terugkijkenDeel 4 - Kiezen29. Kiezen? Dat doe ik mijn hele leven al30. Wat valt er op school te kiezen?31. Later, als ik groot ben32. Waarop kan ik letten als ik moet kiezen?33. Mijn eigen samenvatting van de brugklasEven terugkijken
Wat hebben rekenonderwijs en prentenboeken met elkaar te maken? Is er sprake van een niet-alledaags duo? Of is de combinatie minder verrassend dan ze lijkt? In veel prentenboeken gaan achter de prachtige verhalen fraaie rekenuitdagingen schuil waar jonge kinderen zich geboeid in vast kunnen bijten en waar ze veel van kunnen leren. Wie prentenboeken met rekenogen leest, kan deze verborgen schatten ontdek- ken en ... doet de kinderen in de klas er een enorm plezier mee.Dit boek beschrijft rekenactiviteiten bij 45 prentenboe- ken. De activiteiten zijn verdeeld over de doelgebie- den tellen en getalbegrip, meten en meetkunde. Veel activiteiten kunnen op ieder moment in het schooljaar worden uitgevoerd. Sommige opdrachten zijn gebon- den aan de seizoenen of aan de grote feesten, zoals Sinterklaas, Kerstmis en Pasen. De kracht van de be- schreven rekenuitdagingen is dat ze met eenvoudige, beschikbare materialen te realiseren zijn. Niets staat mooie rekenervaringen in de weg!Met rekenogen gelezen is bedoeld voor onder- bouwleerkrachten in het (speciaal) basisonderwijs in Nederland en leerkrachten van de oudste kleuters en het eerste en tweede leerjaar in Vlaanderen, studenten en docenten van de lerarenopleidingen, onderwijsbe- geleiders en voor ieder ander die geïnteresseerd is in rekenonderwijs aan jonge kinderen op de basisschool.ROB VAN BREE volgde de opleiding tot leerkracht basisonderwijs aan Hogeschool de Kempel in Helmond. Daarna studeerde hij psychologie aan de Open Universiteit Nederland en volgde hij een aantal onderwijs- kundige cursussen.HANNEKE VAN BREE heeft ruime ervaring als onderbouwleerkracht. Na haar opleiding aan Hogeschool de Kempel volgde zij tal van nascholingscursussen.
Het eerste prentenboek “Joost is blij: met jonge kinderen praten over gevoel” is bedoeld voor kinderen tussen de drie en zes jaar om hen te leren zich beter te voelen met de gevoelsomdraaitechniek. Na het succes van Joost is blij rees de vraag op of we ook niet zo'n zelfde prentenboek konden maken voor jongeren tussen de elf en vijftien jaar. Dat is Joost wordt gepest geworden omdat pesten op deze leeftijd zo'n grote rol kan spelen. Vroeger ben ik zelf in de eerste en tweede klas van de middelbare school veel gepest. In latere jaren heb ik die rol omgedraaid en ben ik veel gaan pesten. Ik weet dus uit eigen ervaring wat er fout kan gaan en wat een verkeerde oplossing is. Veel beter is wat er in dit boekje aan bod komt. Een negatief zelfbeeld wordt vervangen door een positief zelfbeeld. Nare pest ervaringen uit het verleden worden geneutraliseerd. Een negatieve toekomstverwachting wordt omgezet in een positieve toekomst. Stomme dingen die gezegd of gedaan worden, worden makkelijk onschadelijk gemaakt. Op deze manier wordt Joost weerbaar tegen pesten, maar het zijn ook prima technieken om op tal van andere situaties toe te passen.
Een nieuwe rol van de leerkracht, identiteits- en burgerschapvorming, een canon voor de basisschool, het zijn hot issues in het huidige onderwijsdebat. Op ontwikkelingsgerichte scholen is een praktijk gegroeid waarin leerkrachten voortdurend keuzes maken rond deze thema's. Dat doen zij in samenwerking met nascholers, onderzoekers en opleidingen. In Ontwikkelingsgericht Onderwijs (OGO) ontwerpen leerkrachten hun onderwijs, samen met hun leerlingen. Betekenisgeving van leerlingen én verwerving van het cognitieve gereedschap en kennis staan beide voorop. Daarmee ontstijgt OGO de tweedeling tussen sturend of ervaringsleren, tussen leerstof- of leerlinggericht onderwijs. In de vormgeving van Ontwikkelingsgericht Onderwijs zijn theorievorming, onderzoek en praktijk nauw met elkaar verbonden. In dit boek komen zij bij elkaar in vier delen over identiteitsvorming en betekenisvol leren, burgerschapsvorming en participatie van leerlingen, verwerving van het cognitieve gereedschap van de cultuur en de kwaliteit van de leerkracht. De bijdragen van auteurs werkzaam op universiteiten, hogescholen, nascholings- en educatieve instellingen en basisscholen zijn ook interessant voor een breder dan alleen OGO-publiek. De hoofdstukken gaan o.a. over spel, taal, de onderneming in de klas, wereldoriëntatie in thematisch onderwijs, onderzoek doen, en kwaliteitsbewaking in de klas en van de school. De rode draad wordt gevormd door het beeld van de OGO-leerkracht: creatief, responsief, innovatief en reflectief. Over de redactieDorian de Haan en Els Kuiper zijn als lector en associate lector verbonden aan het Lectoraat Ontwikkelingsgericht Onderwijs van Hogeschool INHOLLAND.Ga naar de website van het Landelijk centrum voor Ontwikkelings Gericht Onderwijs "
Eritrea (Hoorn van Afrika) wordt de taalkundige en culturele diversiteit volop erkend in de taal-en (primair) onderwijsbeleid, waardoor er in dit land negen verschillende talen onderwezen worden. Dit boek doet verslag van een multidisciplinair onderzoeksproject dat gericht was een vergelijking te maken op gebied van taalverwerving in deze talen. Met behulp van theoretische kaders en methoden uit verschillende disciplines zoals sociolinguïstiek, psycholinguïstiek, en onderwijs, wordt er in het onderzoek gekeken naar hoe taal overgedragen wordt van de eerste naar tweede taal, in spraak en schrift. Tevens werd er gekeken naar de houding ten opzichte van taalverwerving en de waarde die hieraan toegekend wordt, maar ook de sociale toepassingen van kennis van verschillende talen onder de negen etnologische groepen in Eritrea. Met data uit de praktijk, opgedaan in de klas, geeft de studie een fascinerend beeld van taalverwerving en taalonderwijs in een meertalige educatieve context.
Docenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de ge editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas l is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor geode leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbrief
Voor deel 2 is uitgegaan van een aantal duidelijke uitgangspunten. Eerst worden de uitgangspunten beschreven, daarna wordt aangegeven hoe die in het boek voor klas 2 zijn verwerkt.Uitgangspunten:1. De mentor moet een keuze hebben, geen klas is gelijk, geen leerling is gelijk.2. Het leerlingenmateriaal moet aansluiten bij wat een leerling bezighoudt.3. Het leerlingenmateriaal moet inspelen op verschillen tussen leerlingen.4. De methode moet volledig zijn:a. leervaardighedenb. samenwerkingsvaardighedenc. persoonlijkheidsontwikkelingd. keuzebegeleiding5. De mentorenhandleiding moet veel extra materiaal bevatten.6. De mentorenhandleiding moet de mentor werk uit handen nemen in plaats van werk geven.7. De methode moet gebruik in de vakles stimuleren.De uitwerking:Het werkboek: om aan de eerste drie uitgangspunten tegemoet te komen, heeft ieder hoofdstuk een vaste opbouw gekregen:pagina 1 en 2:Orientatiepagina 3 en 4:Onderwerppagina 5 en 6:Keuzepaginapagina 7:Soap!pagina 8: Terugkijkenpagina 9 en 10: Kiezen op KomstInhoudsopgave Aardig Vaardig 2 Vmbo1. Eens even kijken waar dit boek over gaat2. Mijn klas en mijn school3. Ik kan alles4. Ik weet waar het over gaat5. Een werkstuk maken6. Mijn vrienden en wat zij er van vinden7. Mijn ouders en wat zij er van vinden8. Mijn lieve lijf9. Mijn keuze in het Vmbo
Op de voorkant van dit boek zie je leerlingen uit klas 3C. Hun belevenissen zijn het begin van jouw lessen maatschappijleer. Want zij maken van alles mee. Vervelende dingen als ruzie, agressie en discriminatie. Maar ook positieve dingen als stage, samenwerking en zelfs een demonstratie! Eigenlijk alles wat er in de maatschappij nou eenmaal gebeurt. Dit boek heet niet voor niets Team. In een team werken mensen samen. Je klas, het gezin waarin je opgroeit, de vereniging waar je lid van bent en het bedrijf waar je bijverdient: je bent altijd lid van een team. Ook alle mensen in Nederland kun je zien als een groot team. Ieder team heeft zo zijn eigen regels en manieren om samen te werken. Dit boek gaat over die regels en de manieren om goed samen te werken en samen te leven.
Docenten die vakonderwijs verzorgen, hebben tegelijkertijd te maken met de taalontwikkeling van de leerlingen. Op school worden leerlingen geconfronteerd met het speciale taalgebruik (vaktaal) en de denkwijzen van de verschillende vakken. Als zich in een groep grote verschillen in taalvaardigheid voordoen, worden leerresultaten beter als docenten bewust die vaktaal opbouwen.Handboek taalgericht vakonderwijs beschrijft concreet hoe docenten aandacht kunnen besteden aan de rol van taal in het vak of beroepsgerichte programma’s om zo leerlingen optimale begeleiding te kunnen geven. Belangrijk hierbij is om te focussen op de talige kant van het vakonderwijs en vervolgens het onderwijs contextrijk aan te bieden met taalsteun en vol interactie. De auteurs geven in dit handboek tal van didactische suggesties, geordend rond de kernbegrippen context, taalsteun en interactie. Tevens worden ervaringen met taalgericht vakonderwijs systematisch beschreven, typische kenmerken van schools taalgebruik besproken, en zijn er verwijzingen naar recent materiaal voor docent en leerling opgenomen. Ook gaan de auteurs in op het opbouwen van een taalbeleid in school.Handboek taalgericht vakonderwijs wil leraren in opleiding ondersteunen, maar is tevens een praktisch hulpmiddel voor iedereen die zich in het voortgezet onderwijs richt op het versterken van vakonderwijs via een taalgerichte didactiek.Maaike Hajer is lector Lesgeven in de multiculturele school aan de Hogeschool Utrecht. Van haar verschenen bij Uitgeverij Coutinho eveneens Open ogen in een kleurrijke klas en Leraar in een kleurrijke school. Theun Meestringa werkt voor Nederlands en Nederlands als tweede taal in het voortgezet onderwijs bij SLO, nationaal expertisecentrum voor leerplanontwikkeling te Enschede. Hij is tevens medeauteur van het bij Uitgeverij Coutinho verschenen praktische didactiekboek Nederlands in de tweede fase.
Wiskunde 1BvwoLeerboekDocenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de ge editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Docenten over Moderne Wiskunde:- ‘De boeken zijn echt goed op niveau.’- ‘De differentiatie werkt uitstekend.’- ‘Het is duidelijk te merken dat de outeurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de ge editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouw- Leerboke (halfjaardelen)- Werkboke inclusief ICT- Antwoorden- Uitwerkingen- Proefwerkbundel- Docentenhandleiding- Methodesite- NieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
Nathalie van Kordelaar en Marianne Schmidt hebben beiden ervaring in het geven van sociale vaardigheidstrainingen.Zij merkten dat bij de bestaande methoden de geleerde vaardigheden moeilijk integreerden bij kinderen in een situatie buiten de training. Vanuit deze ervaringen besloten ze een nieuwe training op te zetten waarin de integratie van de vaardigheden thuis en in de klas centraal staat. Deze training is opgezet voor de basisschool als geheel waarbij integratie met de klas een belangrijk aspect is. Ook leerlingen die niet meedoen aan de training profiteren ervan. De lessen en opdrachten bij de thema's zijn ondergebracht in een uitgave voor de onderbouw en een voor de bovenbouw. De methode is voor beide groepen hetzelfde.Er kan ook gewerkt worden in de klas en de RT met onderdelen uit de training. De rollenspellen, spelletjes en klassenlessen lenen zich ook goed als lessuggesties om sociale vaardigheden aan te leren en kinderen emotioneel weerbaarder te maken.Nathalie van Kordelaar is orthopedagoog in het REC-4 onderwijs en heeft als leerkracht, remedial teacher, trainer en orthopedagoog gewerkt in het speciaal onderwijs.Marianne Schmidt is orthopedagoog en intern begeleider in het reguliere basisonderwijs en heeft ruim 25 jaar ervaring met kindereren in de basisschoolleeftijd.
Nathalie van Kordelaar en Marianne Schmidt hebben beiden ervaring in het geven van sociale vaardigheidstrainingen.Zij merkten dat bij de bestaande methoden de geleerde vaardigheden moeilijk integreerden bij kinderen in een situatie buiten de training. Vanuit deze ervaring besloten ze een nieuwe training op te zetten waarin de integratie van de vaardigheden thuis en in de klas centraal staat. Deze training is opgezet voor de basisschool als geheel waarbij integratie met de klas een belangrijk aspect is. Ook leerlingen die niet meedoen aan de training profiteren ervan. De lessen en opdrachten bij de thema's zijn ondergebracht in een uitgave voor de onderbouw en een voor de bovenbouw. De methode is voor beide groepen hetzelfde.Er kan ook gewerkt worden in de klas en de RT met onderdelen uit de training. De rollenspellen, spelletjes en klassenlessen lenen zich ook goed als lessuggesties om sociale vaardigheden aan te leren en kinderen emotioneel weerbaarder te maken.Nathalie van Kordelaar is orthopedagoog in het REC-4 onderwijs en heeft als leerkracht, remedial teacher, trainer en orthopedagoog gewerkt in het speciaal onderwijs.Marianne Schmidt is orthopedagoog en intern begeleider in het reguliere basisonderwijs en heeft ruim 25 jaar ervaring met kindereren in de basisschoolleeftijd.Om de methode optimaal te kunnen gebruiken is een workshop 'train de trainer' opgezet door de auteurs. De workshop omvat twee dagdelen van drie uur. Theorie en praktische opdrachten worden telkens met elkaar afgewisseld. De workshop wordt afgesloten met een deelnamecertificaat.In de workshop komen onder andere de volgende onderwerpen aan bod:Theorie en effecten van sociale vaardigheidstrainingen.Het aanleren van sociale vaardigheden.Generalisatie en consolidatie van de geleerde vaardigheden naar de praktijkJe training aanpassen aan het kind.Organisatie van de training (opzet, selectie van de kinderen, samenstelling groep, tijdsduur en tijdspad).Wat te doen na de indicatiest
In vier hoofdstukken wisselt Maddy Hulshof theorie over autisme af met praktische verhalen over zoon Gijs. De situaties zijn zeer herkenbaar voor alle ouders met een kind met autisme op de basisschool, maar ook voor leerkrachten en ambulant begeleiders, die de zorg hebben voor kinderen met autisme in de klas. Begrip voor de eigenheid van het kind met autisme vormt de basis voor een goede ontwikkeling. De Nederlandse Vereniging voor Autisme beveelt dit boek van harte aan.Colette de Bruin, auteur 'Geef me de 5'.'Dit boek is een prachtige eye-opener voor iedereen die autisme wil leren herkennen. De verhalen van Gijs geven een zeer helder beeld over hoe autisme het leven van alle dag beinvloedt. Een "must' om te lezen, voor iedereen die met autisme te maken krijgt.'
Veel beginnende leraren krijgen te maken met vragen waar zij niet meteen een antwoord op weten:- Hoe krijg ik mijn leerlingen in beweging? - Hoe kan ik het beste omgaan met collega’s en met ouders? - Op welke manier kan ik mijn werk zo goed mogelijk organiseren? - Waar vind ik de tijd om mezelf te blijven ontwikkelen? In dit handboek geven drie ervaren consultants concrete handvatten voor hoe leraren de zeven SBL-competenties succesvol kunnen inzetten in hun dagelijkse schoolpraktijk. De zeven SBL-competenties, waar alle leraren aan moeten voldoen, zijn:interpersoonlijk competent pedagogisch competent vakinhoudelijk en didactisch competent organisatorisch competent samenwerken met collega’s samenwerken met de omgeving competent in reflectie en ontwikkeling. Persoonlijke ervaringenDe zeven lerarencompetenties worden door de auteurs bekeken vanuit het perspectief van de leraar en in duidelijke taal uitgelegd. In het handboek zijn verder tal van citaten opgenomen waarin leraren, leerlingen, ouders en andere betrokkenen hun persoonlijke ervaringen met de lezer delen. Tevens verwijzen de auteurs naar informatieve websites en literatuur en kan de beginnende leraar direct aan de slag met een tiental praktische bijlagen. Nieuwe inzichtenProfessioneel voor de klas is bedoeld om (beginnende) leraren in het primair en voortgezet onderwijs te helpen, te inspireren en te motiveren bij het uitoefenen van hun vak. Het boek kan ook voor leraren die al langer in het onderwijs werkzaam zijn waardevolle, nieuwe inzichten bieden. De beste leraren zijn namelijk leraren die zelf ook blijven leren!
In dit leerlingenboek, een gecombineerd les- en werkboek, komen 18 vaardigheden aan bod, elf leervaardigheden en 7 samenwerkings- en sociale vaardigheden.Het boek is geheel in full colour uitgevoerd en wordt, onder andere door het vaardighedenoverzicht, zowel in de mentorles als in de vaklessen gebruikt.Inhoud:Mentorlessen.A. Wie is wie in dit boek?B. Wie is wie in de klas?C. Agenda.D. Regels zijn regels, we hebben ze nodig.E. Afspraken in de klas.F. Pesten, natuurlijk niet.Vaardigheden om te leren.1. Ezelsbruggetjes.2. Een begrip leren.3. Lezen en leren van een tekst.4. Soort vraag herkennen.5. Een leg-uit-vraag maken.6. Een verhaaltjessom maken.7. Een doe-opdracht uitvoeren.8. Mezelf overhoren.9. Terugkijken na een toets. 10. Mijn huiswerk plannen.11. Mijn aandacht er bij houden.Vaardigheden om samen te werken.12. Goed luisteren.13. Iets vragen.14. Nee zeggen.15. Een ruzie uitpraten.16. Commentaar krijgen.17. Commentaar geven.18. Samen een taak uitvoeren.
Praktijkverhalen uit de schoolPubers vragen om tegenspel. Zeker als zij zichzelf en anderen door hun wangedrag benadelen. Op school leiden strenge maatregelen als verwijdering uit de klas en schorsing lang niet altijd tot verbetering van dat gedrag. Gesprekken, ook met de ouders, leveren steeds vaker te weinig op. Het aantal schorsingen blijft toenemen. Er zijn leerlingen die, alle sancties en een begripvolle benadering ten spijt, hun leven niet beteren. Zij belanden op wachtlijsten voor hulpverlening of worden verwezen naar het speciaal onderwijs.Ontspoord gedrag wordt vaak toegeschreven aan maatschappelijke omstandigheden of een falende opvoeding. Maar daarmee is de school nog niet ontslagen van de zorg voor orde en veiligheid. Wat is er nodig om een prettig leerklimaat te scheppen? Hoe brengen we leerlingen de mores van de school bij? Straf/Regels, voorheen verschenen onder de titel Wie de leerling liefheeft, bevat praktische en doeltreffende voorstellen voor allen die te maken hebben met de begeleiding en bijsturing van 'onaanspreekbare' leerlingen.
Docenten over Moderne Wiskunde:‘De boeken zijn echt goed op niveau.’‘De differentiatie werkt uitstekend.’‘Het is duidelijk te merken dat de auteurs goed naar ons geluisterd hebben.’Nieuw in de 9e editieIn de onderbouw van havo/vwo is de leerlijn volledig herzien. Het aanvangsniveau ligt een stuk hoger en leerlingen maken eerder kennis met abstracte wiskunde. De leerlijn is hierdoor een stuk compacter. Door de toevoeging van aparte vwo-delen in klas 1 is Moderne wiskunde 9 nog uitdagender voor goede leerlingen.Arrangement havo/vwo onderbouwLeerboek (halfjaardelen)Werkboek inclusief ICTAntwoordenUitwerkingenProefwerkbundelDocentenhandleidingMethodesiteNieuwsbriefWolters-Noordhoff:Vandaag klaar voor het onderwijs van morgen!
In dit leerlingenwerkboek, geheel in full colour, komen de meest noodzakelijke leer- en samenwerkingsvaardigheden aan de orde. Het werkboek wordt onder andere door het vaardighedenoverzicht in zowel mentoren- als vaklessen gebruikt.Bij het werkboek wordt een klein boekje bijgeleverd; een vaardighedenoverzicht. Dit boekje is dun en overzichtelijk, zodat de leerling het altijd bij zich kan hebben in de vaklessen.Inhoud:AlgemeenA. Wie is MelvinB. Wie is wie?C. De agendaD. RegelsE. Afspraken in de klasF. Pesten? Natuurlijk niet!Leren1. Ezelsbruggetjes maken2. Begrippen leren.3. Lezen en leren van een tekst4. Soort vraag herkennen5. Een leg-uit-vraag maken6. Een verhaaltjessom maken7. Een doe-opdracht uitvoeren8. Mezelf overhoren9. Terugkijken na een toets10. Mijn huiswerk plannen11. Mijn aandacht erbij houdenSociale vaardigheden12. Goed luisteren13. Iets vragen14. Commentaar kijgen15. Commentaar geven16. Samen een taak uitvoeren17. Een ruzie uitpraten18. Nee zeggen
In dit boek leert de leerling omgaan met vaardigheden en krijgt hij zicht op zijn manier van leren. Er wordt gewerkt met alle vaardigheden uit het bijbehorende handboek.Inhoud-Deel 11. Je agenda;2. Hoe maak ik een tijdsplanning?;3. Geen zin?;4. Hoe kan ik m'n aandacht erbij houden? -Deel 25. Een kijkje in Jaspers hoofd; 6. Voor, tijdens en na het leren;7. Het begrippennet; 8. Voor het leren 1;9. Voor het leren 2;10. Voor het leren 3;11a. Vragen die je jezelf na het leren kunt stellen;11b. Vragen die je jezelf na een proefwerk kunt stellen;12.Beoordelen van je inzet;-Deel 313. Begrippen onthouden;14. Woorden, rijtjes en namen leren;15. Schema's maken;16. Lezen en leren van teksten;16a. Startschema maken;16b. Structuren zoeken;16c. Tekstschema maken;16d. Samenvatting maken;17.Verhaaltjessommen maken;18.Controleren wat je geleerd hebt.-Deel 419. Hallo, ik ben Jasper, en hoe heet jij?;20. Regels zijn regels, we hebben ze nodig;21. Afspraken in de klas;22a. Oefenen in luisteren;22b. Opkomen voor jezelf;23a. Ruzie voorkomen;23b. Commentaar geven;23c. Commentaar aannemen;23d. Echt luisteren;23e. Ruzie oplossen;24. Pesten, dat doen wij niet?;25. Anders zijn, dat mag toch?
Politici en publicisten spreken op hoge toon over heden en toekomst van de Nederlandse multiculturele samenleving. Maar het lot daarvan ligt niet primair in hun handen maar in die van de werkers van elke dag, zoals docenten op scholen. In deze studie zien we docenten op scholen voor voortgezet onderwijs in actie als ze in een sterk gemengde klas met culturele misverstanden worden geconfronteerd. [...] Het is fascinerend om in deze studie in negen uitgewerkte typische gevallen van een cultureel misverstand van stap tot stap te volgen hoe de docenten geheel eigen wijze het dreigende ongenoegen in goede banen leiden, soms zonder succes, vaak met indrukwekkende resultaten. [...] Wat mij betreft voedt deze studie enige hoop dat met wat gekraak links en rechts, over een tijdje een samenleving is ontstaan die helemaal niet meer multicultureel heet maar: de Nederlandse samenleving. Voor de vakgenoten uit rechtssociologie en rechtsantropologie is het bovendien een prettige verrassing dat de auteur oude theorie een nieuw leven geeft. Vele studies over wetstoepassing door ambtenaren bijv. lieten twee dingen zien. “Ik geloof niet dat het hier volgens de regels gaat” is het ene punt, het andere is dat er toch wel andere regels te ontdekken vielen in dit ambtelijke gedrag nl. informele buitenwettelijke regels die men zelf in de praktijk liet opkomen en die het nodige houvast gaven. Maar wat blijkt nu? Ofschoon de docenten zich op handenvol van dergelijke onofficiële praktijkregels weten te beroepen, laat Urems zorgvuldige analyse zien dat ook die praktijkregels aan de docent niets bieden. Telkens weer moeten de docenten het zelf doen en steeds weer eigen, nieuwe afwegingen maken. Maar wel praten ze steeds over regels. Waarom? Met antwoorden op zulke vragen blaast Damir Urem een belangrijk leerstuk nieuw leven in. Andre Hoekema, Amsterdam, april 2009.
Sinds Lisa bij haar oma in een wildreservaat in Afrika woont, is haar leven één groot avontuur. Ze staat op het punt om een schoolreis op zee te gaan maken, maar heeft een angstig voorgevoel. Wanneer hun schip in een zware storm terecht-komt, slaan Lisa en haar klas-genoten overboord. Al snel is Lisa omringd door haaien.Haar redding komt uit onver-wachte hoek en zorgt tegelij-kertijd voor een groot raadsel.
Sprotje wil wel eens wat spannends meemaken, dus begint ze samen met haar vriendinnen Roos, Melanie en Kim een club. Voor ze het weten zijn ze in een strijd verwikkeld met de Pygmeeën, de club van vier jongens uit hun klas.Ook op schoolreisje laten de clubs elkaar niet met rust. Maar zijn het wel de Pygmeeën die die rare geluiden maken ’s nachts? Of is er iets geheimzinnigs aan de hand op het eiland?
Een interview met een fee? Voor Lola is niets te gek. In haar fantasie kan alles, maar als je voor de schoolkrant gaat schrijven, moet je natuurlijk wel de waarheid vertellen. In de klas maken ze een krant en Lola heeft zich samen met haar beste vriendin op het voorpaginaverhaal gestort. Ze besluiten de waterpistoolbandiet die de stad al een tijdje in zijn greep houdt, te pakken te krijgen. Maar dan wordt er een meisje aangereden voor school. Dat is nog veel belangrijker nieuws! Tijdens de flitsactie die dan wordt gehouden, interviewt Lola een automobilist die wel heel erg veel haast lijkt te hebben. Wat is er aan de hand?